De Club van Rome: Kurk in je Ozongat!

Het idee voor de Club van Rome is geboren tijdens een lunch in de mensa die werd bijgewoond door de vier mensen die op mijn flyers hadden gereageerd. We waren maar een vreemd stelletje. De aanwezigen waren allen afkomstig van verschillende studies; er zat een student Milieurecht tussen, maar ook iemand van de communicatiewetenschappen en zelfs een econoom. Technisch gezien had onze Interne Zaken-man Nico zijn middelbare school niet eens afgemaakt (hij was zijn diploma niet in persoon komen ophalen en had een Russische neef in zijn plaats gestuurd om bij de diploma-uitreiking te protesteren tegen de uitbuiting van dansende beren in Rusland), maar zoiets wilde niet altijd wat zeggen. Ons actieve lid Edje had bijvoorbeeld al 2.5 masters onder zijn riem maar hij kon zijn eigen veters nog niet strikken in het donker.
Aanvankelijk was er een hoop onenigheid over de naam die we onze organisatie zouden geven. We waren al vrij snel uitgekomen op De Club van Rome en hadden hierover bijna een compromis, totdat we beseften dat vrijwel niemand van onze generatie die verwijzing begreep. Daarna waren we overgestapt op simpelweg ‘De Club’, maar dat bleek te nietszeggend. Uiteindelijk waren we via ‘Malthusianen’ en het onbedoeld vulgair klinkende ‘Kurk in je Ozongat’ weer uitgekomen op Club van Rome, gewoon omdat het lekker bekte. Het deed er eigenlijk niet toe hoe we heetten maar om wat we deden. Wíj waren de voortrekkers, de wereldverbeteraars, de gorilla-guerilla’s die deden wat nodig was om aandacht te krijgen voor de natuur, het klimaat, de dieren. Een beter milieu begon bij jezelf, of ten minste bij je omgeving, in dit geval de universiteit waaraan wij studeerden.
Bij dezelfde lunch hadden we Benjamin, een student filosofie, tot voorzitter van De Club benoemd. Hij had een mooie speech gegeven. “Het is het klimaat”, zo had Benjamin gezegd, “Zowel politiek als financieel als nou ja, je weet wel, het weer en zo. Het klimaat moet veranderen! Wie niet horen wil moet voelen.” Hij was al vroeg in zijn leven pessimistisch geraakt over de toekomst van de mensheid, hij niet alleen. Hij had initiatieven genomen om anderen te activeren maar er was een grens aan het aantal keer ‘Nee’ dat je kon horen voordat je zelf ‘NEEEE!’ riep en doorsloeg.
Het was Benjamins tweede man, of beter gezegd, tweede vrouw, onze penningmeester Kathleen, die vervolgens de voorzet had gegeven, die had gezegd dat we maar guerrilla’s moesten worden, middels geheime missies het woord zouden verspreiden. Benjamin zelf ontbrak het aan fantasie daarvoor, en de enige reden dat hij aan ons hoofd stond was omdat daar niemand anders mee voor het hoofd werd gestoten. Was het het heethoofd Nico of Kathleen, die die zeldzame eigenschap van ‘anti-charisma’ bezat, geworden dan was onze beweging van binnenuit in tweeën gescheurd, maar Benjamin blonk uit in middelmatigheid.
Onze eerste paar ondernemingen waren geen onverdeeld succes. Mensen werden niet langer enthousiast van spontane acties, noch verward of geïnspireerd. Deze generatie kon het allemaal een worst wezen. We verkondigden lessen die door niemand werden gevolgd, met een massaal schouderophalen werden ontvangen.
Hier zou spoedig verandering in komen.
“Heren en dame”, kondigde Nico bij aanvang van de eerstvolgende vergadering aan, “Vandaag bestormen we de mensa!”

In de volgende aflevering lees je hoe dit afloopt!

Advertentie

Bekijk meer recent nieuws

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte. Meld je aan voor de nieuwsbrief van Univers.