Aangetrokken door de verzorgingsstaat?

De Socioloog des Vaderlands loenst nog steeds met een oog over de Zuidergrens. Daar gaf de voorzitter van de grootste partij van het landBart De Wever (juist ja, van die partij die een onafhankelijk Vlaanderen als eerste doelstelling in haar partijstatuten heeft) – een introductiecollege in het inleidende vak Politicologie van Carl Devos. De Wever nam zijn kans om aan een nieuwe lichting studenten sociale wetenschappen een academisch geïnspireerde lezing te geven over de aanpak van de vluchtelingencrisis. Vrij vertaald naar de Nederlandse standaarden komt zijn standpunt erop neer dat hij de grenzen wil sluiten, want uiteindelijk trekken vluchtelingen naar onze contreien vanwege de hapjes van Ingrid, de mogelijkheid tot lekker lang slapen, en uiteraard de sociale voorzieningen. De toon van De Wever is bijzonder scherp, als zouden vluchtelingen gelukszoekers zijn die gedreven door de genereuze sociale voorzieningen via de “Europese achterdeur” hun heil zoeken in West-Europa. Maar klopt dit eigenlijk?

Bart De Wever moet de mosterd voor zijn discours deels gehaald hebben bij de Amerikaanse econoom George Borjas. Hij stelt dat immigratie bepaald wordt door push-factoren die immigranten wegduwen uit hun herkomstland en pull-factoren die migranten aantrekken naar het land van bestemming. Borjas stelt op basis van onderzoek binnen Amerika dat een uitgebreide sociale bescherming als een magneet kan inwerken op migranten. Europees onderzoek is iets meer genuanceerd: als je kijkt naar factoren die migratiestromen bepalen, dan gaat het in de eerste plaats om “jobs jobs jobs”. Migratiestromen reageren krachtig op tewerkstellingskansen. De omvang van de sociale zekerheid, en nog minder Ingrids hapjes of het aantal uren slaap, zijn allesbehalve bepalende factoren. De mythe van het verzorgingsstaatmagnetisme moet dus enigszins genuanceerd worden.

migflows

Nu kan De Wever, tevens burgemeester van Antwerpen, daar tegen opwerpen dat de statistieken in zijn stad anders uitwijzen – de werkloosheid onder Antwerpenaren van buitenlandse origine is hoger dan die van de autochtone Antwerpenaar. Die cijfers vallen niet te ontkennen, en zijn recent ook kracht bijgezet door WZB-professor Ruud Koopmans. Hij stelt dat landen met een hoge mate van sociale bescherming in combinatie met een multicultureel beleid (zoals Nederland en België) immigranten juist een comfortabele hangmat verschaft. In zo’n landen zouden er simpelweg (te) weinig prikkels zijn die immigranten moet aanzetten om te werken aan hun inzetbaarheid op de arbeidsmarkt. Een terechte bezorgdheid, maar dit ontslaat de overheid geenszins van haar taak om bestaande barrieres weg te werken, zowel aan de kant van de immigrant (zoals taal- en onderwijsachterstand) als aan de kant van de werkgever (blijvende discriminatie op de arbeidsmarkt).

Het jammere aan het tot dusver aangehaalde onderzoek is dat het over de hoofden van de immigranten gaat. Zijn zij wel vragende partij voor een uitgebreide sociale bescherming? In recent onderzoek heb ik, samen met KUL-professor Wim van Oorschot (ooit nog deel van de sociologie-afdeling hier op Tilburg University), gekeken of immigranten meer verwachten van de overheid dan de autochtone bevolking. Het is dan weer moeilijker om te bevragen wat immigranten van de hapjes van Ingrid of van lekker lang slapen vinden. In dit landenvergelijkend onderzoek blijkt dat immigranten, en dan vooral van de eerste generatie, lichtjes meer vragende partij zijn voor een overheid die helpt in hun levensonderhoud, dan autochtonen. Maar daar zijn goede verklaringen voor, nl. hun sociaaleconomische positie, en minder positieve percepties over de sociaaleconomische ontwikkeling en kansen in hun gastland. Belangrijker voor het hele debat is dat er binnen een land grote overlap bestaat tussen de opinies van immigranten en van autochtonen. Kort gezegd: als immigranten in Nederland hoge verwachtingen koesteren ten aanzien van de verzorgingsstaat, dan verschillen ze nauwelijks van de autochtone Nederlander.

magnet

Samengevat lijkt er dus weinig bewijs te zijn dat immigranten, en in dit geval vluchtelingen, zich laten baseren op de sociale bescherming voorzien door de verzorgingsstaat in hun keuze van land van bestemming. Desondanks is het ontegensprekelijk dat de opvang van vluchtelingen druk zet op de Europese overheden, niet in het minst op de beschikbare budgetten. En zoals we eerder al schreven, ook de publieke opinie moet overtuigd worden, wat gisteren in Tilburg dus helemaal niet is gelukt. Maar vluchtelingen afzetten als gelukszoekers die als een magneet aangetrokken worden door de sociale bescherming, is de realiteit echter met een grove korrel zout nemen, en eerder aanzetten tot polarisatie. Maar als uitgerekend een academische opleiding dient om de feiten van de fictie te onderscheiden, dan hebben de eerstejaarsstudenten in Gent alvast voldoende huiswerk gekregen!

TR

(Een lichtjes andere versie van deze blog – zonder de hapjes van Ingrid – verscheen eerder vandaag in De Morgen, het Vlaamsche equivalent van de Volkskrant.)

Advertentie

Bekijk meer recent nieuws

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte. Meld je aan voor de nieuwsbrief van Univers.