Zit er wel iemand te wachten op het nieuwe onderwijsprofiel?

Zit er wel iemand te wachten op het nieuwe onderwijsprofiel?

wat-wil-je-bij-univers-lezen-deel-4Zitten studenten en docenten wel op het nieuwe onderwijsprofiel te wachten? Dat was de vraag die de lezers van Univers beantwoord willen hebben. Op jullie verzoek legden we ons oor te luister bij de verschillende faculteiten.

Het Tilburgse Onderwijs Profiel (TOP) is ‘hot topic’ de komende weken. De hele universiteit maakt zich op voor de invoering (‘implementatie’) van een nieuw onderwijsmodel dat persoonlijker en kleinschaliger onderwijs voorstaat. Met jaargroepen van maximaal 40 personen, en liefst nog kleinere werkcolleges, krijgt de Tilburgse student de ‘21st Century Skills’ aangeleerd om aansluiting te vinden bij de arbeidsmarkt van nu. Daarbij hoort ook een semester vrije ruimte om ervaring op te kunnen doen in het buitenland, of bij een bedrijf, of wegwijs te worden in een heel ander vakgebied. En er komen ‘karaktervormende activiteiten’: zelfreflectiemomenten en filosofiecursussen die studenten ethisch bewust maken.

Naast kennis en kunde wordt ook karaktervorming belangrijk. Het College van Bestuur is alvast helemaal mee met deze filosofie, maar de vraag is of ook de rest te porren is voor dit programma. Hoewel TOP uit de organisatie komt en een gezamenlijke horizon moet stimuleren, is er in de medezeggenschap al flink over gemopperd. Niet in de laatste plaats omdat er toch flink wat concrete eisen worden gesteld voor de curricula: 12 ECTS voor vaardigheden, 12 ECTS voor reflectie en filosofie, 30 ECTS voor de vrije ruimte, persoonlijke mentors voor studenten, die het liefst met zo min mogelijk in de collegezalen zitten. Hoe staat het met het enthousiasme voor het onderwijsprofiel?

Moraalridders

Wie het oor te luister legt bij medewerkers op de universiteit, hoort toch vooral grote instemming met de inhoudelijke kanten van de visie en het onderwijsprofiel. Let wel, de inhoud dus (over de praktijk straks meer). Natuurlijk, sommige elementen van het onderwijsprofiel en de visie roepen de spotlust op bij het personeel (“Is KKK nu wel zo handig?”) en het is de vraag in hoeverre de grote woorden erin echt gaan ‘leven’.De TiU-shaped student? “Ik weet nou niet of dat gaat aanslaan en echt een begrip wordt”, zegt Bart Vos, Associate Dean van de Bachelor programma’s bij TiSEM en een van de mensen belast met de invoering van het profiel. Maar over die woorden, hoe marketingachtig en populair ze soms ook klinken, wil hij niet flauw doen: het gaat om het idee dat erachter ligt, en daarvoor is wat hem betreft veel te zeggen. Hij ziet ook nog te vaak de ‘calculerende student’ voorbijkomen die vooral bezig is met studiepunten bij elkaar sprokkelen en dat liefst met zo min mogelijk inspanning: ‘meneer, moeten we dit wel of niet leren voor het tentamen?’ Deze mentaliteit is volgens Vos ook voor een deel het gevolg van het systeem. Meer activerend en kleinschalig onderwijs, waar de student zich niet zomaar kan verstoppen, daar is hij in principe helemaal voor.

Over de moreel-ethische kant van het verhaal maakt Vos zich wel zorgen. Onderwijsvisieschrijver Herman de Regt benadrukte tegenover Univers dat het zeker niet de bedoeling is om ‘moraalridders’ te kweken en om iedereen tot de visie van iemand als Cobbenhagen te verplichten: “We willen studenten geen mal opdringen en ze vertellen hoe ze over ethische kwesties moeten denken, maar ze slechts aanleren om zelf voldoende stil te staan bij de morele implicaties van wat ze doen, bijvoorbeeld in de wetenschapspraktijk.”

“Als de studentenevaluaties niet goed zijn, hebben we een probleem”

Neemt niet weg dat filosofie en ethiek een zwaardere stempel op het curriculum gaan drukken en Vos vraagt zich af of zijn studenten daarop zitten te wachten: “Ik kan me persoonlijk het belang ervan voorstellen, maar als de studentenevaluaties niet goed zijn, hebben we een probleem.” Bovendien vindt Vos ook dat ‘harde’ wetenschap de core business moet blijven: “We moeten geen watjes worden.” Hij voorziet een ‘pittige discussie’ op de faculteit over waar en op welke manier deze cursussen moeten worden ingepast.

Praktische bezwaren

Vooral de praktijk roept bedenkingen op bij de sceptici. En ook een niet-scepticus als de opleidingsdirecteur bij psychologie, Seger Breugelmans, kan zich goed indenken dat opleidingsdirecteuren en programmamakers voor een beproeving komen te staan. Zelf bekent hij enigszins ‘geluk’ te hebben: “Twee jaar geleden zijn wij al op natuurlijke wijze begonnen met het moderniseren van onze opleiding, en aan de slag gegaan met een herprofilering.” In die nieuwe bacheloropleiding zitten vrijwel alle elementen waar TOP om vraagt: voldoende ECTS voor Skills en voor reflectievakken, voor wetenschapsfilosofie en beroepsethiek. En de student kan zonder moeite een half jaar vrijmaken om naar het buitenland te gaan. Ook zijn de kleinschalige colleges geïntroduceerd: naast de reguliere hoorcolleges zijn er werkgroepen van maximaal 40 studenten en mentorgroepen van hooguit 15 à 25 studenten. TOP motiveert Breugelmans wel om meer na te denken over coaching van studenten, maar bij psychologie zijn ze goed op weg.t-shaped-studentKunnen de andere grote opleidingen ook voldoen aan de eisen van TOP? Vice-decaan onderwijs van de rechtenfaculteit, Marc Loth, ziet weinig problemen en kansen genoeg om op korte termijn de vereiste veranderingen door te voeren. ‘Blended learning’, bijvoorbeeld, waarbij cursussen worden gekoppeld aan individuele feedback, en nieuwe minoren, waarin studenten een combinatie van vakgebieden aangeboden krijgen die elkaar goed aanvullen, zoals forensica, criminologie en psychologie.Maar een rechtendocent als Erik-Jan Broers is nog reuze benieuwd naar hoe de faculteit de grote cursussen zoals die van hem kleinschalig gaat maken: “Dat University College-idee is heel mooi, het zorgt natuurlijk voor een gigantische interactie met de student, maar hoe ga je dat organiseren voor meer dan driehonderd eerstejaars? Nu proberen we al voor enige interactie te zorgen bij rechtsgeschiedenis, namelijk met zogenaamde dialoogcolleges, waarin de grote groep wordt opgesplitst in drie groepen van 90 à 100 studenten. Zelfs met die formule zijn we al onderbezet.” Loth zegt echter dat het een misverstand is om te denken dat TOP de grote hoorcolleges verbiedt, zoals wel vaker wordt gedacht. Kleinschaligheid is geen doel op zich, het gaat om meer aandacht voor de student, dat kan volgens Loth ook worden behaald met meer individuele feedback.

Doelmatigheid en meetbaarheid

Ook Breugelmans denkt dat veel scepsis over TOP voortkomt uit een ‘te letterlijke lezing’ van de plannen. “Ik zie het niet als een straight jacket, maar als een mooie suggestie, een stimulans om naar je onderwijsprogramma te kijken. Wij geven ook nog gewoon hoorcolleges.” Feit is echter ook dat het niet de bedoeling is om alles bij het oude te laten, en verschillende opleidingen worstelen met de manier waarop ze het anders moeten doen.

Monique Pollmann is universitair docent bij de opleiding communicatie- en informatiewetenschappen en geeft onder meer het statistische vak ‘Analysis of Variance’. Ze werkte recent mee aan een grote curriculumherziening van de opleiding, geheel in geest van TOP. De hoorcolleges bij statistiek werden vervangen door videocolleges, zodat de docenten meer tijd en aandacht konden besteden aan de werkcolleges, die werden uitgebreid. Maar wat bleek? “Veel studenten kwamen onvoldoende voorbereid naar de werkcolleges, waardoor ik elke student alles opnieuw moest uitleggen, veertien of vijftien keer dus, terwijl ik dat beter in één keer had kunnen doen, aan allemaal tegelijk, in een hoorcollege.”

t-shaped-studentPollmann hoopt natuurlijk dat studenten zich beter voorbereiden, maar de vraag is of dat realistisch is. “We hebben veel studenten die puur komen voor het halen van een zesje en die moeten er ook gewoon kunnen zijn.” Tilburg is nu eenmaal geen Harvard met alleen maar strebers en bollebozen, maar ook een universiteit voor de mensen uit de regio die een mooi diploma willen halen, om daarna aan de slag te kunnen, zegt ze: “TOP lijkt vooral gemaakt voor de topstudent. De vraag is hoe we het gros van de studenten motiveren om hieraan mee te doen. Ik heb er nog niemand over gehoord, maar zou daar graag ook praktische tips voor willen zien.” Pollmann twijfelt bovendien aan het effect van kleinschalige cursussen: “De vakliteratuur hierover leert alleen dat het zin heeft met écht kleine groepen van zo’n tien studenten. Dat is hier moeilijk haalbaar.”

Dat het positieve effect van de TOP-leerstellingen niet is bewezen, is ook bij economen als Bert Willems reden tot wantrouwen. Op dit moment heeft een aantal economie programma’s al ontzettend goede cijfers op het gebied van onderwijs en ‘academic counseling’, waarom dan een top-down benadering opleggen? De programmadirecteuren worden nu verplicht om de opleiding flink aan te passen, terwijl het nut niet bewezen is en elk programma zoals het nu is mooi is afgestemd op een heel specifiek doelpubliek.

Willems wijst er op dat de ‘de baten’ van deze grote operatie, die meer dan een miljoen gaat kosten in het eerste jaar, nog te onduidelijk zijn. “Er zijn geen kwantitatieve gegevens over de baten bekend en er zijn ook nog geen pilotstudies geweest over deze vormen van mentorschap en onderwijs.” In elk geval was er nog zoveel onduidelijkheid en protest bij faculteitsraad van TiSEM, dat het management besloot het implementatieplan voorlopig in te trekken.

Op 16 december geeft rector Emile Aarts in de universiteitsraad toelichting op het proces. Maar dit is vooral voor de notulen, pas in 2017 komt het onderwijsprofiel opnieuw in de universiteitsraad. Wordt vervolgd.

Wat wil je bij Univers lezen?

Dit artikel is geschreven nadat onze lezers aangaven het te willen lezen. Hieronder kan je je stem uitbrengen voor het volgende artikel. Over de vraag met de meeste stemmen schrijven we een artikel. Je kan ons ook gelijk tippen. Bij de volgende stemronde leggen we ingediende onderwerpen voor.

Onderwijsvisie

Ook de Tilburgse Onderwijsvisie, de theoretische onderbouwing van het profiel, ligt nog ter discussie bij de universiteitsraad. De visie is geschreven door sociologe Alkeline van Lenning en filosoof Herman de Regt. Zij vroegen tientallen docenten en studenten van de universiteit naar wat de Tilburgse student moet onderscheiden van de rest. Het resultaat kon samengevat in de drie K’s: net als op andere universiteiten krijgt de Tilburgse student ‘Kennis’ en ‘Kunde’ aangeleerd, maar minstens even belangrijk hier is een derde pijler: ‘Karaktervorming’.

Deze derde K ligt volgens Van Lenning en De Regt diep verankerd in onze traditie. Denk maar aan grondlegger Martinus Cobbenhagen. Die was niet alleen econoom, maar ook een theoloog -filosoof die nadacht over ethiek en moraal. Wil de Tilburgse universiteit zich onderscheiden, zeggen de auteurs, dan is het goed om deze eigenschap meer in de verf te zetten en te benadrukken in het concrete onderwijs. Dan krijgt de Tilburgse student een duidelijk profiel waarmee deze zich in de markt kan zetten. Geen vakidioot met een tunnelvisie dus, maar een generalist met een brede set aan skills en een morele ruggengraat. In Tilburg worden studenten gevormd tot wat, met een variatie op de T-shaped professional uit de HR-literatuur, de ‘TiU-shaped student’ is genoemd.

Advertentie

Bekijk meer recent nieuws

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte. Meld je aan voor de nieuwsbrief van Univers.