Grotere vermogensongelijkheid door liberaal woonbeleid in Nederland

Grotere vermogensongelijkheid door liberaal woonbeleid in Nederland

De stimulering van het eigenwoningbezit door de overheid heeft geleid tot een ongelijkere woonvermogensverdeling in Nederland. Dat concludeert de socioloog Barend Wind in zijn proefschrift, waarop hij vrijdag 20 oktober promoveert.

Vanaf de jaren tachtig is de hypotheekmarkt in veel Europese landen geliberaliseerd. De vermogensongelijkheid is sindsdien enorm toegenomen. Nederland heeft zich zelfs ontpopt tot een van de koplopers wat betreft woonvermogensongelijkheid, blijkt uit het onderzoek van Wind. ‘Een schokkende conclusie’, vindt hij zelf. ‘Aangezien vermogensopbouw decennialang één van de belangrijkste motieven achter het beleid gericht op de uitbreiding van het eigenwoningbezit is geweest. Woonvermogen dreigt nu één van de belangrijkste scheidslijnen in de Nederlandse samenleving te worden, vergelijkbaar met inkomen of opleidingsniveau.’

In landen waar het wel goed gaat, blijkt juist dat een her-regulering van de hypotheekmarkt, het minder vastgoed-afhankelijk maken van de economie en het terugdringen van ruimtelijke ongelijkheid kan bijdragen aan het verkleinen van de vermogensongelijkheid.

Woningprijzen

In vrijwel heel Europa is het eigenwoningbezit sinds de Tweede Wereldoorlog sterk toegenomen. Onder invloed van neoliberalisme probeerden overheden in verschillende landen de koopsector te vergroten, door privatisering van sociale huurwoningen, deregulering van de huurmarkt en de liberalisering van de hypotheekmarkt. Dit leidde ertoe dat meer huishoudens konden verhuizen naar een koopwoning. Bovendien zorgde de liberalisering voor opgeblazen en volatiele woningprijzen. Mensen die een huis kochten vóór de liberalisering konden flink profiteren en eigen vermogen opbouwen. Rijkere huishoudens profiteerden hiervan. Huishoudens met een lage sociaaleconomische status waren de dupe: zij konden zich niet inkopen in buurten met stijgende woningprijzen.

Treffend voorbeeld is Zweden: waar mensen uit lagere klassen noodgedwongen naar de randen van de stad verhuisden, terwijl de hogere klassen naar het stadscentrum trokken. Het gevolg was dat mensen in de buitenwijken beperkte winst of klein verlies maakten. Mensen in goede wijken maakten 100 tot 200 procent winst. Er is nauwelijks data over hoe dit in Nederland zit, maar als die er wel was zouden we volgens Wind hetzelfde beeld zien als in Zweden.

Wil je meer weten over dit onderwerp? Barend Wind promoveert 20 oktober om 14.00u in de aula van Tilburg University.

Advertentie

Bekijk meer recent nieuws

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte. Meld je aan voor de nieuwsbrief van Univers.