Je baby doden en daarna doorgaan alsof er niks aan de hand is

Je baby doden en daarna doorgaan alsof er niks aan de hand is

Moeders die hun pasgeboren baby om het leven brengen en het lichaampje verstoppen op zolder of in een vuilniszak aan de straat zetten. Neonaticide is de officiële term voor dit misdrijf, waarbij (vrijwel altijd) de moeder haar eigen kind binnen 24 uur na de geboorte doodt. Forensisch psycholoog Katinka de Wijs-Heijlaerts (Tilburg University) deed onderzoek naar dit fenomeen in Nederland en verdedigt vandaag haar proefschrift.

Op 4 januari 2007 werd er een babylijkje gevonden in het recreatiegebied Engelermeer in Den Bosch. Het meisje kreeg de naam Engel van 't Meer. De moeder is nooit gevonden. Foto: Dolph Cantrijn

Op 4 januari 2007 werd er een babylijkje gevonden in het recreatiegebied Engelermeer in Den Bosch. Het meisje kreeg de naam Engel van ‘t Meer. De moeder is nooit gevonden. Foto: Dolph Cantrijn

Als forensisch psycholoog is Katinka de Wijs-Heijlaerts wel het een en ander gewend. Toch raken de verhalen van vrouwen die hun pasgeborene ombrengen haar telkens weer. “Als wetenschapper is neonaticide een boeiend onderwerp, dat me niet snel zal vervelen. Maar ik ben naast onderzoeker ook mens en moeder. Voor de tragiek van al die individuele verhalen ben ik zeker niet immuun.”

Belangrijk doel van haar onderzoek was in kaart brengen hoe vaak neonaticide in Nederland voorkomt en onder welke omstandigheden. Haar zoektocht resulteerde in een aantal van achtentachtig pasgeboren baby’s, die in de periode 1994 en 2015 onder niet natuurlijke omstandigheden zijn overleden. In die periode werden negenenveertig personen verdacht van het plegen van neonaticide.

“Neonaticide komt meestal pas aan het licht op het moment dat er een babylijkje wordt gevonden”, vertelt De Wijs-Heijlaerts. “Vaak zijn het familieleden van de moeder die het stoffelijk overschot ontdekken in een slaapkamer of op zolder en vervolgens aan de bel trekken. Een enkele keer wordt het kindje bij het afval gelegd of ergens in de natuur gevonden. In die gevallen is het veel lastiger om erachter te komen wie de moeder is. Er worden meer lichaampjes gevonden, dan dat er moeders bij worden gevonden.”

Een tragedie in vier bedrijven

De onderzoekster heeft dertig neonaticidezaken geanalyseerd. Welke zaken dat zijn kan ze uit privacyoverwegingen niet prijsgeven. “Ik baseer mijn bevindingen op de juridische verhalen van dertig vrouwen. Zesentwintig van die vrouwen hebben één kind omgebracht, en vier vrouwen meerdere kinderen. Om hoeveel kinderen het precies gaat laat ik in het midden, zodat niet te herleiden is om welke vrouwen het gaat. Bijna alle gevallen van neonaticide zijn immers uitgebreid in de media geweest.”

De Wijs-Heijlaerts zocht naar antwoorden die haar helpen om een beeld te schetsen van de vrouwen die hun pasgeborene om het leven brengen en de omstandigheden waaronder dat gebeurt. Zoals: wat is er bekend over de levensloop en levensstijl van deze vrouwen? Wat weten we over hun intelligentie, hun verlieservaringen en hun lichamelijke en psychische gesteldheid?

“Ik heb getracht om op systematische wijze het hele proces van neonaticide in kaart te brengen. Dus niet alleen van het moment zelf, maar ook de aanloop er naartoe. In mijn proefschrift noem ik dat een tragedie in vier bedrijven. Beginnend met de conceptie, vervolgens de zwangerschap, de geboorte en dood van het kindje en tot slot het leven van de moeder erna.”

Een diverse groep

Wat opvalt is dat de groep vrouwen heel divers is. Ze komen niet uit één specifieke laag van de bevolking en zijn van verschillende leeftijden. Sommigen hebben wel en anderen hebben geen relatie. De meerderheid had nog geen kinderen, een aantal heeft die al wel.

De Wijs-Heijlaerts: “Vaak vragen mensen me of de vrouwen overwegend zwakbegaafd zijn en uit een soort onwetendheid en onkunde hun kind ombrengen. Dat is niet zo. Natuurlijk zitten er zwakbegaafde vrouwen tussen, maar anderen zijn gemiddeld tot hoger opgeleid.”

Wel zijn vrijwel alle vrouwen gediagnosticeerd met een of meerdere psychische stoornissen, zoals een angst-, stemmings- of persoonlijkheidsstoornis. Ook hebben de meesten traumatische gebeurtenissen meegemaakt in hun verleden. Ze verloren een dierbare, groeiden op bij een ernstig (lichamelijk of psychisch) zieke ouder of waren slachtoffer van misbruik, mishandeling of pestgedrag.

Alsof er niks aan de hand is

Wat de groep verder met elkaar gemeen heeft, zo ontdekte de onderzoeker, is dat dat er bij hen iets misgaat in de beleving van de zwangerschap. “Normaal gesproken beseft een vrouw die ontdekt dat ze zwanger is, dat ze in een situatie zit waar ze iets mee moet. Zelfs als ze niet blij is met de zwangerschap. Er ontwikkelt zich een baby in haar buik, een kind dat een vader heeft en grootouders en waar op den duur voor gezorgd moet worden. De ongeborene komt in haar gedachten tot leven en daar gaat ze naar handelen. Er moeten zaken geregeld worden.”

Sommige vrouwen komen vervolgens tot de conclusie dat ze er niet klaar voor zijn of het kindje niet willen en besluiten tot een abortus. “Maar ook in dat geval erkennen ze dat er een baby op komst is en dat ze daar iets mee moeten.”

“Er gaat bij deze vrouwen iets mis in de beleving van de zwangerschap”

Bij de vrouwen die De Wijs-Heijlaerts heeft onderzocht, komt dat denkproces niet of alleen gebrekkig op gang. Ze weten vaak wel dat ze fysiek zwanger zijn, maar die constatering lijdt niet tot de gedachte dat er een levend kind op komst is, waar ze op moeten reageren. Dat resulteert in passiviteit en uitstelgedrag. “In de meeste gevallen heeft de vrouw niet bedacht wat ze met de baby gaan doen als het geboren wordt. Ze zoekt geen hulp of medische bijstand. Ze ontkent de zwangerschap en denkt: dat gaat wel weg als ik er niet mee bezig ben.”

Tot de baby zich op een dag aandient. De vrouw bevalt in haar eentje en reageert pas daarna. Ofwel door niks te doen: ze laat de pasgeborene in de wc of op de koude vloer liggen, waar het door onderkoeling overlijdt. Of door het kindje actief om het leven te brengen, door verstikking, verdrinking of het steken met een mes. “Vervolgens pakt ze haar leven weer op alsof er niks gebeurd is.”

Foto: Dolph Cantrijn

Foto: Dolph Cantrijn

Een opvallend verschil vond De Wijs-Heijlaerts in het feit dat veel vrouwen weliswaar angst voelen voor ontdekking van hun zwangerschap, maar de redenen voor die angst erg uiteenlopen. “Er zijn vrouwen die echt vrezen voor hun leven, door de dreiging van eerwraak. Bij hen zie je dat de beleving van het kind meer aanwezig is. Ze bedenken wel dat ze er iets mee moeten, maar kiezen uiteindelijk voor lijfbehoud. Andere vrouwen zijn bang voor een veel minder groot gevaar, zoals de afkeuring van hun ouders en omgeving.”

Verborgen voor de omgeving

Wat iedereen zich na een geval van neonaticide afvraagt, is hoe de vrouw haar zwangerschap en bevalling zo goed verborgen heeft weten te houden voor haar omgeving. “Deze vrouwen zijn er heel bedreven in om bezorgdheid en vragen van anderen weg te wuiven”, legt de onderzoeker uit. “Als iemand vraagt of ze zwanger is, wordt dit stellig en hardnekkig ontkend. De vraagsteller geneert zich en houdt erover op.”

“Bovendien hebben deze vrouwen weinig voeling met hun eigen lichaam. Waar een kraamvrouw na de bevalling van een gewenst kind vaak even uit de running is, pakken deze vrouwen de draad al heel snel weer op.”

Een enkele keer zijn er complicaties: “Dan komt de placenta bijvoorbeeld niet los en moet de vrouw in kwestie met spoed naar het ziekenhuis. In zo’n geval wordt er dus op die manier ontdekt wat er zich heeft afgespeeld.”

Het verborgene doorbreken

Niet alle verdenkingen van neonaticide resulteren in een rechtszaak. Sommige zaken worden geseponeerd, terwijl het volgens De Wijs-Heijlaerts juist heel belangrijk is dat de vrouw verantwoording aflegt.

“Het belang van een rechtszaak is in psychologisch opzicht vooral dat het verborgene eindelijk doorbroken wordt. Vanaf de conceptie tot aan de ontdekking is ontkend dat dit kind heeft bestaan. Veel vrouwen houden vol dat ze bevallen zijn van een dood kindje, terwijl uit sectie blijkt dat het kindje wel degelijk heeft geleefd. Door een veroordeling wordt dit patroon van geheimhouding doorbroken. Bovendien gaat er een bewezen preventieve werking van uit.”

“Het is belangrijk dat het onrecht dat de baby is aangedaan wordt erkend.“

Daarnaast is het volgens de onderzoeker belangrijk dat het onrecht dat de baby is aangedaan wordt erkend. “We mogen de enorm kwetsbare positie van het kind niet uit het oog verliezen. De moeder is de enige die weet heeft van het kind en zorg draagt voor het kind. De pasgeborene is totaal weerloos en afhankelijk.”

In beeld houden

Dat haar onderzoek meer inzicht geeft in het fenomeen neonaticide, staat buiten kijf. Maar of we dankzij deze inzichten nieuwe gevallen kunnen voorkomen is nog maar de vraag. “Dat blijft jammer genoeg heel lastig”, vertelt De Wijs-Heijlaerts. “Juist omdat het zo in het verborgene gebeurt.”

Waar ze een mogelijkheid tot interventie ziet, zijn de paar gevallen waarbij de vrouw wel bij een arts of hulpverlener terecht komt. “Zodra er serieuze aanwijzingen zijn dat een vrouw zwanger is en dat stellig ontkent, zou de arts steviger op verder onderzoek moeten aandringen.”

Ook vrouwen die in beeld komen omdat ze zwanger zijn, maar te laat zijn voor een abortus, mogen niet aan hun lot worden overgelaten, bepleit de onderzoeker. Het is belangrijk om deze groep in beeld te houden en wanneer mogelijk toe te leiden naar organisaties die zich ontfermen over vrouwen die te maken krijgen met een (vergevorderde) ongewenste zwangerschap, zoals Stichting Beschermde Wieg, FIOM en SIRIZ.

Bekijk meer recent nieuws

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte. Meld je aan voor de nieuwsbrief van Univers.