TiU-alumna reisde met Trans-Siberië Expres: ‘In China werden we continu in de gaten gehouden’

TiU-alumna reisde met Trans-Siberië Expres: ‘In China werden we continu in de gaten gehouden’

Van ‘enge’ grenscontroles tot het pittige nomadenleven in Mongolië. Alumna Denise van Dalen maakte wat mee tijdens haar treinreis van Moskou naar Peking. De unieke en soms bizarre ervaringen beschrijft ze in het boek Het Spoor van de Tsaar dat op 6 november uitkomt.

Foto: privéarchief

Als je met het vliegtuig richting Azië reist, sta je dezelfde dag nog ‘poef’ in een compleet andere wereld. Denise van Dalen wilde juist zien hoe diverse landschappen en culturen in elkaar overvloeien. Na haar master kunst- en cultuurwetenschappen in Tilburg reisde ze over de trans-Siberische spoorlijn van Moskou via Ulaanbaatar naar Peking.

Wat waren de verwachtingen voordat je aan deze reis begon?

“Van tevoren dacht ik dat alles heel strikt zou zijn, dat bij de douane de mensen allemaal chagrijnig en nors zouden zijn. Dat viel erg mee. Ook als je op het Rode Plein aan militairen met een enorm geweer de weg vroeg, antwoordden ze vriendelijk.

Denise van Dalen | Foto: privéarchief

“Van de treinreis wist ik niet precies wat ik moest verwachten. Van tevoren dacht ik dat je in de trein niet fatsoenlijk zou kunnen slapen omdat die ‘s nachts overal stopt. Maar het was goed geregeld. Je had per coupé een soort van stewardessen, in het Russisch provodnitsy, die alles in de wagon in de gaten hielden. Elke coupé ging ’s nachts op slot.

“Onze coupé had vier plaatsen, redelijk budget. Maar ik heb ook mensen gezien die in hun hut een eigen douche hadden. Die hadden wij niet. Wel een waterkoker en een gemeenschappelijke wc met daarbij een wasbakje. Meer heb je eigenlijk ook niet nodig.”

In Rusland spreekt niet iedereen Engels. Hoe maakten jullie jezelf verstaanbaar?

“Thuis had ik het cyrillisch alfabet en de grammatica geleerd, waardoor ik toch simpele gesprekjes kon voeren. Tot mijn verrassing verstond ik nog best veel van het Russisch, maar diepgaande gesprekken zaten er niet in. Gelukkig kwamen we tijdens de reis regelmatig mensen tegen die wel Engels spraken en die konden fungeren als tolk.

“Zo hebben we in Novosibirsk gelogeerd bij een gezin dat Engels had geleerd door continu buitenlandse toeristen uit te nodigen. Ze wonen op de route van de Trans-Siberië Express en krijgen regelmatig Europeanen over de vloer.

“Een van de familieleden is journalist en werkt voor een staatszender. Zelf is hij het niet eens met het beleid van Poetin. Hij vindt het erg dat zijn ouders dat nieuws geloven. ‘Geloof dat journaal nou niet, dat is veelal propaganda,’ zei hij continu tegen zijn ouders. Die zeiden dan: ‘Maar ik zie het toch gebeuren op televisie? Dus is het waar.’ Dat vindt hij frustrerend, want hij weet hoe nep het soms kan zijn.

Foto: privéarchief

“De mensen met wie we reisden wisselden voortdurend. Op zich heb je niet zo veel met elkaar te bespreken, maar de sfeer is gemoedelijk en je gaat op een gegeven moment toch eten aan elkaar uitdelen. Als de trein stopt lopen lokale vissers en bessenplukkers het perron op om vis of bessen aan je te verkopen.

“Van een Russische man kregen we allemaal bessen. Volgens hem moest je vooral blauwe bessen eten, want dat is heel gezond. Grappig, want het was een best dikke man en hij dronk ook stevig. Maar hij at ook veel blauwe bessen.”

Werd er in de trein veel gedronken?

“Ja, er werd veel alcohol gedronken, vooral bier en wodka. Maar met name ’s avonds. Ter vergelijking: in België zie ik ze soms om tien uur ’s ochtends al aan het eerste ‘pintje’ zitten.

“In Rusland drinken ze ook veel thee. Mij viel op dat iedereen wel een reismok met thee bij zich had. In de trein heb je zelfs een ouderwetse boiler, een soort ketel met een kraantje eraan. Daar tap je dan heet water uit.”

Je bent ook de grens met Mongolië overgegaan. Hoe was het daar?

“Die grens was best wel spannend. Rond een uur of zes stopte de trein in zo’n grensdorpje. Tot één uur ’s nachts waren alle wc’s op slot. Zo lang duurde de grenscontrole. Al die tijd moest je in je hut blijven.

Foto: privéarchief

“We verbleven samen met een jongen uit Zuid-Frankrijk in de coupé. Hij had een iets donkerdere huidskleur. Daardoor had hij het gevoel dat hij er steeds werd uitgepikt tijdens controles. En inderdaad, toen de douane onze coupé binnenkwam keken ze heel oppervlakkig in onze tassen. Het was al snel goed. Bij de Fransman was het meteen dubbelcheck of het paspoort wel klopte en ook zijn tas werd binnenstebuiten gekeerd. Dus we hadden wel een beetje het gevoel dat de mensen er wat racistischer zijn.

“Overigens ook in China. Daar hebben we posters gezien waarop stond: pas op voor tasjesdieven. Die tasjesdieven waren altijd donkere mensen. Heel opvallend. Zeker omdat je in China bijna alleen maar Chinezen ziet. Waarom moet een dief er dan zo uitzien?

Het eten bestond alleen uit vlees

Denise van Dalen

“En dan gaat de trein rijden en ben je ineens in Mongolië. Eerst zie je zelfgemaakte tenten, soms met schoorsteen, en dan kom je opeens aan in de hoofdstad. Die is vrij lelijk. Alleen maar beton. Mongolië is armer dan Rusland, maar opvallend is dat je er wel hybride auto’s tegenkomt en dat je plastic, groente en fruit, papier en restafval bij iedere afvalbak kunt scheiden.”

Hebben jullie ook iets gezien van het platteland?

“Ja, we hebben een paar weken bij nomadenfamilies gelogeerd. Het was iets waar ik al heel lang nieuwsgierig naar was. Maar het was ook best pittig. Ze eten namelijk alleen maar vlees, omdat ze zelf niets kunnen verbouwen. Als je naar groente vraagt dan krijg je alleen een beetje aardappel en wortels. Dat is eigenlijk het zwaarst. Ook omdat je daar op den duur buikpijn van krijgt en dan niet meer naar de wc kunt.

Foto: privéarchief

“Behalve dat was het erg bijzonder en ook mooi. Het landschap is oneindig en onbebouwd. Ik was al heel lang nieuwsgierig naar zelfvoorzienende mensen en ik romantiseerde dat leven heel erg. Nu heb ik daar een wat nuchterder beeld van gekregen.

“In Peking kun je wel lekker eten en hebben ze veel meer groente en fruit. Dat zie je ook als je met de trein China inrijdt. Vanaf het moment dat je Mongolië verlaat beginnen de valleien, rivieren en het oerwoud. Het is alsof ze Mongolië met een lint hebben afgezet omdat de omringende landen zelf niets met dat land konden.”

Hoe was de sfeer in China?

“Niet zo prettig. Op een gegeven moment hadden we geld nodig om te eten. Daarvoor moesten we yen pinnen, maar we konden geen pinautomaat vinden. Door de stromende regen gingen we op zoek en zagen op een stoepje wat mensen zitten. We dachten, we vragen even of zij misschien weten waar hier een pinautomaat is. Mijn vriend heeft een jaartje in China gestudeerd, dus hij kon wel een beetje Chinees.

“Terwijl wij onze vraag probeerden uit te leggen pakte een van de Chinezen een telefoon en hield die voor zich. Toen we het nog een keer vroegen begon ze een beetje te lachen. Opeens zagen we dat de vrouw ons aan het filmen was. Voor we het doorhadden drukte ze op verzenden en zag je het filmpje in een enorme groepschat verdwijnen. Ze was ons recht in ons gezicht aan het uitlachen.

In China voelde ik me een circusaapje

Denise van Dalen

“Sowieso filmden mensen ons daar de hele tijd. Ze zwaaiden ook naar ons en zeiden steeds: ‘Oh, buitenlanders, buitenlanders.’ Af en toe voelde ik me echt een circusaapje.

“Ik had in China meer het gevoel dat ik in de gaten werd gehouden dan in Rusland. Bij ieder stadspark of museum dat je wilt bezoeken moet je door een soort douanecontrole, waar je helemaal wordt gecontroleerd, tot je vingerafdruk aan toe. Dat vond ik wel heftig. Ook het geduw en getrek werd ik al snel zat. Ze komen soms echt dicht op je staan. Ik was blij dat we daar weer weg konden.”

De verhalen van de reis zijn gebundeld in het boek Het Spoor van de Tsaar, dat vanaf 6 november in de lokale boekhandel te verkrijgen is.

Advertentie

Bekijk meer recent nieuws

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte. Meld je aan voor de nieuwsbrief van Univers.