De eerste vrouwelijke hoogleraar

Elke maand plaatst projectleider Academisch Erfgoed Pieter Siebers kenmerkende gebeurtenissen, personen, gebouwen of objecten in historisch perspectief. Deze keer: de eerste vrouwelijke hoogleraar in Tilburg.

Paneel vrouwelijke hoogleraren in de portrettenzaal

In 1971 vond de benoeming van de eerste vrouwelijke hoogleraar plaats, aan de toenmalige Katholieke Hogeschool Tilburg. De juriste Madzy Rood-De Boer (1923-2009) werd benoemd aan de faculteit Rechten, aanvankelijk als buitengewoon lector Kinderrecht en kinderbescherming. Het was tot haar eigen verrassing: ze woonde in Amsterdam, was moeder van twee kinderen en daarbij niet katholiek.

Hoogleraar Herman Schoordijk wist haar over te halen, voor twee dagen per week. Rood-De Boer had na het gymnasium Rechten gestudeerd in Leiden en was in 1962 gepromoveerd in Amsterdam op een proefschrift over ‘Ouderen en kinderen – aspecten van het familierecht’. Als docente was ze verbonden aan een Sociale Academie en het Instituut voor Praeventieve geneeskunde’.

In de 18 jaar dat ze aan de universiteit verbonden legde ze mede de basis voor de huidige vakken Personen- en familierecht en Jeugdrecht. Dat werd sinds 1984 gedoceerd door onder meer hoogleraar Paul Vlaardingerbroek, die Rood-De Boer bij haar overlijden typeerde als dé autoriteit in jeugdrecht- en jeugdbeschermingsland.

“Mede dankzij haar kinderbeschermingsachtergrond (zij heeft tijdens de Tweede Wereldoorlog als hulpverleenster/groepsleidster in de jeugdzorg gewerkt) wist zij heel goed waar het om draaide in het jeugd(beschermings)recht. Dat blijkt uit haar vele publicaties, commissiewerkzaamheden en al haar andere (nationale en internationale) activiteiten.”

In een interview bij gelegenheid van het 75-jarige bestaan van de universiteit in 2002 zei ze dat beoefenaars van het specialisme niet rijk worden, “maar het belang van deze regelingen betreffende geboorte, leven en dood strekt zich uit tot alle burgers”.

Madzy Rood-De Boer

Dat was met vooruitziende blik: de moderne tijd brengt een groeiend aantal (ook wilsonbekwame) ouderen met zich mee, afstammingsvraagstukken en meer en meer problematisch verlopende scheidingen. Plus de daarmee samenhangende problemen rond gezag, alimentaties, boedelscheidingen, omgangsregelingen, internationale kinderontvoeringen et cetera.

In 1972 was Madzy Rood-De Boer beoogd minister voor de PvdA van Cultuur Recreatie en Maatschappelijk werk in het zogenoemde deelkabinet Den Uyl. Haar man Max Rood, eveneens jurist, was in 1982 kortstondig minister van Binnenlandse Zaken in het derde kabinet-Van Agt, namens D66.

Vrouwelijke wetenschappers waren in de tijd van Rood-De Boer schaars en nog steeds is er sprake van ondervertegenwoordiging, op alle Nederlandse universiteiten. In 1998 was zes procent van alle hoogleraren vrouw, waarmee Nederland in Europees perspectief een van de slechtste jongetjes van de klas was.

In 2021 zijn de verhoudingen heel anders: iets meer dan een kwart van de hoogleraren is vrouw. Ook onder universitair hoofddocenten is het aandeel vrouwen verviervoudigd, tot 31 procent. Die stijging is zonder twijfel te wijten aan een veelheid van maatregelen, waaronder het landelijk instellen van streefcijfers (25%).

In dat kader ontwikkelde Tilburg University (dat dat percentage net niet haalde) bijvoorbeeld het Philip Eijlander Diversiteitsprogramma, waarmee 19 extra posities voor ‘uitzonderlijk getalenteerde’ vrouwelijke hoogleraren en universitair (hoofd)docenten werden gecreëerd.

In 2020 werd in de portrettenzaal een paneel geplaatst waarop (vrijwel) alle vrouwelijke hoogleraren zijn afgebeeld, sinds de benoeming van Madzy-Rood de Boer. Het toenemend belang dat wordt gehecht aan deze kwestie zal dit academisch jaar leiden tot het plaatsen van nog twee series portretten van vrouwen die belangrijk waren of zijn voor de universiteit.

Advertentie

Bekijk meer recent nieuws

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte. Meld je aan voor de nieuwsbrief van Univers.