Je mag tegenwoordig ook helemaal niks meer zeggen

Ik ga erg lekker op het fenomeen guilty pleasure (of stiekeme geneugte voor de xenofobe taalpurist). Het is eigenlijk een heel paradoxaal fenomeen, omdat het geen onvoorwaardelijk emotie is. Het is plezier gepaard met schaamte.

Het is ABBA zingen tijdens het stofzuigen, video’s bekijken waarin puisten worden uitgeknepen. Het is swipen op het toilet en Ex on the Beach kijken met een emmer ijs op schoot. Het is genieten met de gordijnen dicht.

Mijn eigen stiekeme geneugte bestaat uit het meelezen van discussies op het internet. Beeldschermdiscussies die mij in de verste verte niets aangaan, maar waarin ik wel vurige passie en vooral frustratie proef. Op internetfora gelden bovendien andere regels. Hoe ongenuanceerder hoe beter, het gebruik van drogredenen (bij voorkeur ad hominem) wordt aangemoedigd en bestaande taalconventies worden hooguit als vage richtlijn gezien.

Het zal u niet verbazen dat Nederlands meest notoire snordrager ook in deze kringen niet onbesproken is gebleven deze week. Tientallen topics zijn volgeschreven met verontwaardigde stukken die allemaal dezelfde strekking kenen: “je mag tegenwoordig ook helemaal niks meer zeggen.” Deze zin is niet alleen een ongelooflijke dooddoener, het is ook gewoon feitelijk onjuist. Je eigent jezelf wel het recht toe om te zeggen wat je wil, maar maakt eventuele criticasters bij voorbaat al monddood. Alle kritiek die vervolgens wel resoneert wordt gemarginaliseerd met termen als ‘woke’, ‘cancelculture’ en ‘willen deugen’.

Ik ben niet voor censuur, wel voor een constructief debat. Derksen en de zijnen kiezen ervoor om dat debat uit de weg te gaan door zelf in de slachtofferrol te kruipen en te stoppen met het programma. Alles om maar niet te hoeven reflecteren op het eigen gedrag.

Dat reflecteren moeten wíj dan maar doen. Uiteindelijk zijn er denk ik een aantal lessen uit deze hele affaire te trekken:

  1. Johan Derksen is een wandelend anachronisme en absoluut geen slachtoffer.
  2. Vrijheid van meningsuiting is niet eenzijdig.
  3. Het maakt nogal een verschil hoe je als omgeving reageert op een dergelijk verhaal.

Het meest weerzinwekkende aan het hele fragment was misschien nog wel de reactie van Derksens tafelgenoten. De ernst van het verhaal werd letterlijk weggelachen, waarmee (maar dat is psychologie van de koude grond) Derksens initiële schaamte ook als sneeuw voor de zon leek te verdwijnen.

Ik denk terug aan een aantal artikelen dat het afgelopen jaar is verschenen op deze site over straatintimidatie en seksuele intimidatie. Het is evident dat dit nog altijd een groot probleem is, ook in het studentenleven waar alcohol een aanzienlijke rol speelt. In eerste instantie moet iedereen zich gedragen, maar stel nou dat dit nu niet lukt. Stel nou dat die ene vriend die net iets teveel gedronken heeft zijn handen niet thuishoudt of dat die ene brutale dispuutsgenoot zomaar een meisje naroept. Grijp je dan in? Lach je het weg?

Mensen doen soms alsof loyaliteit hetzelfde is als onvoorwaardelijke steun. Dat loyaliteit direct inhoudt dat je bij een meningsverschil of ruzie per definitie de kant van jouw vriend moet kiezen. Ik denk dat dit een misvatting is. Ik denk dat goede vrienden zich onderscheiden door elkaar de waarheid te zeggen. Wegkijken heeft niks met loyaliteit of vriendschap te maken. Goede vrienden durven elkaar te corrigeren.

Advertentie

Bekijk meer recent nieuws

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte. Meld je aan voor de nieuwsbrief van Univers.