De wet van Godwin

Winterjassen, zomerjurkjes en nazivlaggen. Columnist Thomas Kaufmann is in gesprek met een medestudente, maar zijn gedachten dwalen af. Hoe zit het nou eigenlijk met die wet van Godwin?

“Vind jij niet dat het INEENS geen zomer meer is?”

Buiten druilt het viezige neerslag. Tegenover me doet een vrouw in een optimistisch zomerjurkje haar beklag. “Ik bedoel, vorige week lagen we nog te bakken aan het strand en nu moeten we in poncho naar college.” Ze is duidelijk niet iemand die graag in poncho naar college gaat. Mij lijkt het wel wat. Een collegezaal vol met natte tentjes. Een soort genderneutraal universiteitsuniform. Ze kijkt me verwachtingsvol aan. Ik knik instemmend en lach iets te laat. Ik voldoe aan de beleefdheidsnorm, maar voel dat ik aan sympathie heb ingeboet.

“Jij hebt je er al aardig op aangepast.”

Haar blik blijft even rusten op mijn lange winterjas. Ik sputter voor de vorm nog wat over het niet hebben van een mildere jas, maar weet mijn sjaal ook niet echt te verklaren. Het is niet erg. Ze praat graag. Mijn bijdrages aan het gesprek worden alsmaar korter en vormlozer tot ik slechts nog droge tonen laat horen op de spaarzame momenten dat ze een adempauze inlast.

“En dan krijgen we er dadelijk natuurlijk ook weer een golf corona overheen.”

Ik kijk op. Ik hoopte eigenlijk dat we als samenleving een beetje hadden afgesproken deze olifant niet meer te benoemen. Corona noemen is terugdenken aan een boze droom. Het is Voldemort hardop uitspreken. Het is een jeukwoord dat eigenlijk nooit leidt tot een goed gesprek, maar zich wel hardnekkig die gesprekken blijft invechten.

“Ik weet niet of ik nog een booster ga halen hoor. Het voelt toch een beetje alsof we alles nu gehad hebben.”

Ik moet denken aan de wet van Godwin, die stelt dat als een online-discussie lang genoeg duurt, de kans steeds groter wordt dat een van de deelnemers een vergelijking met Hitler of nazi’s maakt. Ik moet denken aan Pepijn van Houwelingen en vraag me af wat het over onze samenleving zegt dat wetten die voorheen voor het internet golden nu toepasbaar zijn op de Tweede Kamer.

“Waar denk je aan?”

“Pepijn van Houwelingen en Hitler.”

“Vind je het niet wat heftig om een politicus te vergelijken met Hitler?”

Kut.

Advertentie

Bekijk meer recent nieuws

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte. Meld je aan voor de nieuwsbrief van Univers.