We zijn bang om te falen, ziet psycholoog Ellen Dreezens: ‘Na één minuut op LinkedIn voel ik me al slecht’

We zijn bang om te falen, ziet psycholoog Ellen Dreezens: ‘Na één minuut op LinkedIn voel ik me al slecht’

Wat is falen, waarom durven we niet te falen en waarom voelen we ons zo ellendig als we falen? We laten ons te vaak leiden door maatschappelijke verwachtingen, aldus psycholoog Ellen Dreezens. Maar: ‘Succes doet er véél minder toe dan we denken.’

portret psycholoog Ellen Dreezens
Ellen Dreezens: ‘Het is onmogelijk om altijd gelukkig te zijn.’ Beeld: Dolph Cantrijn

Een door jong en oud volgeboekt trappenlandschap in de Tilburgse bibliotheek de LocHal, dat zegt iets over de belangstelling voor de Studium Generale-lezing De psychologie achter falen. Want falen, dat kennen we allemaal wel.

Ellen Dreezens, psycholoog en docent aan Tilburg University legt aan de hand van wetenschappelijk onderzoek én met humor en relativering uit dat we ons als maatschappij op de verkeerde dingen richten. ‘Het idee dat je gelukkig bent als je succesvol bent, is niet per se waar.’ Univers spreekt Dreezens een paar dagen na haar lezing op de campus.

Wat is falen precies?

‘Er zijn verschillende definities van falen, maar ik denk dat het neerkomt op het niet behalen van je doelen. Stel dat je als doel hebt gesteld om vóór een bepaalde leeftijd je rijbewijs te halen en dat lukt niet, dan voelt dat voor veel mensen als falen.

‘Dat we onze doelen meestal niet zelf stellen, maar dat ze veelal gevoed worden door maatschappelijke normen, vergeten we hierbij vaak.’

En als je ziet dat een medestudent heel makkelijk vakken haalt en jij niet?

‘Dan heb je het meer over sociale vergelijking. Het is logisch dat mensen zich sociaal vergelijken met anderen, het zegt iets over waar je staat. Je bent altijd beter of slechter dan een ander, daar is niets geks aan.

‘Het is wel zo dat het steeds moeilijker is om jezelf op een goede manier met anderen te vergelijken. Er is namelijk steeds meer en steeds extremer vergelijkingsmateriaal beschikbaar, bijvoorbeeld op sociale media. Vroeger vergeleken mensen zich met hun dorpsgenoten, tegenwoordig hebben we toegang tot ‘abnormale’ mensen. Je daarmee vergelijken kan tot angst en onzekerheid leiden.

‘Zo zien we de Beyoncés van deze wereld. Als je je daarmee vergelijkt, val je totaal uit de toon. Terwijl Beyoncé juist degene is die uit de toon valt. Dit soort uitzonderingen zag je voorheen niet, maar nu zijn ze alom vertegenwoordigd. Het is een omgekeerde wereld geworden: we vergelijken ons met de uitzonderingen.

‘Op sociale media zie je vrijwel nooit een verhaal van iemand die zegt: ik ben op mijn bek gegaan en au, dat deed pijn! Terwijl we een groot deel van ons leven maar wat aanrommelen, we zijn echt niet alleen maar succesvol.

‘Vergelijk jezelf dus op een realistische manier, bijvoorbeeld met mensen die in dezelfde situatie als jij zitten, of met je vroegere zelf.’

Zelf ben je ook niet ongevoelig voor sociale vergelijking. Tijdens de lezing zei je: ‘Na één minuut op LinkedIn voel ik me al slecht.’

‘Ja, en dat is letterlijk na één minuut. Na die minuut heb ik al vijf berichten gezien waar ik me slecht door voel. Wat we op sociale media zien, kunnen we vaak niet nuanceren. Als je mensen persoonlijk kent, lukt dat beter.

‘Wanneer je een positieve post van een vriend of bekende ziet, weet je in je achterhoofd: ja, maar jij zat laatst nog te klagen over je privéleven. Of: ik weet hoe ongelofelijk veel inspanning deze prestatie jou stiekem heeft gekost.’

Waarom durven we eigenlijk niet te falen?

‘Omdat we falen en ongelukkig zijn met elkaar associëren. Ouders zeggen bijvoorbeeld tegen hun kinderen: het maakt niet uit wat je doet, áls je maar gelukkig bent. Als jij vervolgens iets doet en je bent daar niet gelukkig in, dan moet dat wel je eigen schuld zijn. Want het was jouw keuze, dus jij doet iets fout. Terwijl het echt onmogelijk is om altijd gelukkig te zijn, dat is een onhaalbaar doel.

‘Daarnaast proberen ouders, uiteraard uit alle goedheid, hun kinderen te behoeden voor teleurstellingen of fouten. Maar als je van kleins af aan geleerd hebt om met teleurstellingen en fouten om te gaan, kun je daar in je latere leven, als je gaat studeren of werken, op terugvallen.’

Waarom verwarren we succes met geluk?

‘Er bestaan allerlei mythes over geluk. Zoals dat het hebben van een huis, geld, relatie, baan of goede gezondheid gelukkig maken. Maar uit onderzoek blijkt dat deze omstandigheden slechts voor tien procent je geluksniveau bepalen. Vijftig procent van je geluksniveau is genetisch bepaald. Veertig procent komt voort uit gedrag, waaronder dankbaarheid, optimisme, vriendelijkheid, sociale relaties, kunnen genieten en vergeven.

‘Succes doet er dus véél minder toe dan we denken, maar als maatschappij focussen we er wel heel erg op: succesverhalen zien we de hele dag en overal om ons heen.’

Je had het tijdens de lezing over intrinsieke en extrinsieke motivatie. Waarom is het verschil belangrijk?

‘Intrinsieke motivatie komt vanuit jezelf. Intrinsiek gemotiveerde dingen doe je ook als er geen beloning, zoals geld of een cijfer, tegenover staat. Onderzoek toont aan dat als je iets uit jezelf doet dat tot meer geluk, welzijn en gezondheid leidt. Geluk is dus te vinden in intrinsieke motivatie.

‘Bij extrinsieke motivatie doe je iets vanwege de beloning. Als docent zie ik liever studenten die intrinsiek gemotiveerd zijn dan studenten die iets doen omdat ze een goed cijfer moeten halen.’

Wat merk je bij studenten van de drang om succesvol te zijn?

‘Mijn studenten zeggen regelmatig: het gaat niet om mijn geluk van nu, maar om mijn geluk van later. Daarom studeer ik me nu te pletter, ben ik super gestrest en heb ik geen tijd voor iets anders. Maar als ik straks mijn diploma heb, vind ik een baan, verdien ik geld en dan ben ik gelukkig.

‘Ik vind dat echt heel moeilijk om te horen. Mijn vraag is altijd: wat ben je in hemelsnaam aan het doen? En hoe zit dat met nu, mag studeren niet óók leuk zijn? Soms moet ik lullen als Brugman om ze zover te krijgen dat ze vijf minuten per dag besteden aan iets dat ze leuk vinden. Vijf minuten.

‘Veel studenten, vooral meiden, geven aan perfectionistisch te zijn. Ook daar zit het idee achter dat als jij ergens voor kiest, je het wel goed moet regelen. Als het mislukt, is het jouw fout. Het gevolg is dat studenten nog harder proberen om te slagen.

‘Het idee dat je je geluk in het heden moet opgeven om later gelukkig te worden, vind ik een groot probleem. Als je je zo op later richt, zie je niet wat je nu nodig hebt.’

Ellen Dreezens studeerde psychologie en is auteur van diverse boeken over rouw en veerkracht. Sinds 2008 is ze docent bij Tilburg University.

Advertenties.

Bekijk meer recent nieuws

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte. Meld je aan voor de nieuwsbrief van Univers.