Plassen tijdens een tentamen? ‘Ik moest naar de wc, kreeg toestemming en toch werd mijn tentamen ongeldig verklaard’

Plassen tijdens een tentamen? ‘Ik moest naar de wc, kreeg toestemming en toch werd mijn tentamen ongeldig verklaard’

Een toiletbezoek tijdens een tentamen liep voor masterstudent psychologie Margot Deege vervelend af. Hoewel ze naar eigen zeggen handelde met toestemming van een surveillant, verklaarde de examencommissie haar werk ongeldig. Hoe kon het zover komen?

Illustratie: Femke Koppe

Na anderhalf uur tentamen maken steekt masterstudent psychologie Margot Deege haar hand op. Ze moet dringend naar het toilet. De surveillant schudt zijn hoofd. Er is geen tweede surveillant aanwezig om mee te lopen, dus ze moet nog even wachten. ‘Over vijftien minuten is er een tweede surveillant, dan kun je gaan.’

Deege besluit haar plas op te houden en de vijftien minuten wachttijd uit te zitten. Maar na een kwartier heeft de tweede surveillant zich nog steeds niet gemeld. Nog langer wachten lukt Deege niet meer.

‘Ik kon me niet meer concentreren op mijn tentamen’, vertelt ze. ‘Ik heb de surveillant nog een keer aangesproken en vroeg: ‘Is het goed als ik zelf even ga? Ik moet echt heel nodig.’ Hij zei: ‘Ja, is goed.’’

Ze haast zich naar het toilet, is binnen enkele minuten terug en maakt haar tentamen af. Pas daarna blijkt dat dit korte toiletbezoek grote gevolgen heeft. Haar tentamen wordt ongeldig verklaard.

Proces-verbaal

Het incident speelt zich af op 5 juni 2026 tijdens het tentamen Ouderenpsychologie, een vak uit de master Psychologie. Anders dan bij grotere tentamens zitten er ongeveer dertig studenten in een kleine zaal, met slechts één surveillant.

Wanneer Deege terugkomt van het toilet vraagt de surveillant naar haar identiteitsbewijs. Hij moet ‘een melding maken’, zegt hij. Meer uitleg krijgt ze niet. Aan het einde van het tentamen vraagt hij haar nog een formulier te ondertekenen.

‘Er werd alleen gezegd dat ik mijn handtekening moest zetten. Er werd niet uitgelegd dat het om een proces-verbaal ging. Ik schreef als reden op: ik moest naar de wc :)’, vertelt ze. ‘Pas dagen later kreeg ik dat proces-verbaal per mail toegestuurd.’

Daarin staat dat zij zonder toezicht de tentamenzaal heeft verlaten. Daardoor zou niet meer kunnen worden vastgesteld of zij het tentamen zelfstandig heeft gemaakt. Ze krijgt vier werkdagen om schriftelijk verweer in te dienen.

Wachten op duidelijkheid

Deege is stomverbaasd en stuurt haar reactie in, waarin ze uitlegt dat zij juist handelde na expliciete toestemming van de surveillant. Daarna blijft het stil.

Pas wanneer de herkansing dichterbij komt, neemt ze zelf contact op met de universiteit. Dan blijkt dat haar verweer over het hoofd is gezien. Uiteindelijk krijgt ze telefonisch van de examencommissie te horen dat haar tentamen ongeldig blijft.

‘Er was eigenlijk weinig ruimte om mijn verhaal mondeling nog toe te lichten’, zegt ze.

Volgens de examencommissie had Deege de regels zelf moeten kennen. Studenten mogen de tentamenzaal niet zonder begeleiding verlaten en die regels zijn online terug te vinden.

Voor Deege wringt juist dát. ‘Als een surveillant toestemming geeft, ga je ervan uit dat het mag. Je volgt de instructies op van degene die toezicht houdt. Dat voelt heel logisch.’

Ze vergelijkt de situatie met een politieagent die je door rood laat rijden. ‘Als een agent naast een kruispunt staat en zegt dat je door mag rijden, verwacht je toch ook niet dat je daarna alsnog een boete krijgt?’

Tentamenregels

Gebruik van het toilet is slechts bij hoge uitzondering en alleen onder begeleiding toegestaan. Bij toestemming door de surveillant wordt erop toegezien dat geen fraude wordt gepleegd. Er wordt slechts een kortstondige stop toegestaan en de surveillant staat niet toe dat meerdere studenten tegelijk naar het toilet gaan. Het gebruik van het toilet is alleen mogelijk als er meerdere surveillanten in de zaal zitten of op het moment dat de surveillant wordt afgelost door een aflossurveillant.

Wie draagt de verantwoordelijkheid?

Volgens Deege draait de zaak om meer dan alleen een toiletbezoek. Ze vraagt zich af waarom studenten verantwoordelijk worden gehouden voor een situatie die volgens haar door de organisatie zelf is ontstaan.

‘Als het zo belangrijk is dat een surveillant met je meeloopt, waarom is er dan geen tweede surveillant aanwezig? Wat moet je doen als je echt niet langer kunt wachten: in je broek plassen? Een blaasontsteking oplopen?’

Ook vindt ze dat studenten vooraf hadden moeten worden geïnformeerd dat toiletbezoek mogelijk niet direct mogelijk zou zijn. ‘Dan had ik daar rekening mee kunnen houden. Nu werd er helemaal niets over gezegd.’

Bovendien vindt ze dat de context nauwelijks is meegewogen. ‘De examencommissie was er niet bij, heeft de situatie niet zelf gezien en voor zover ik weet ook niet met de surveillant of andere studenten gesproken. Toch werd er alleen gekeken naar de letter van de regels.’

Van individueel probleem naar bredere discussie

Deege diende bezwaar in tegen de beslissing. Tijdens een gesprek met de examencommissie bleef het besluit staan: haar tentamen bleef ongeldig.

Wel erkende de examencommissie volgens haar dat de organisatie van tentamens verbeterd kan worden. Studenten moeten vooraf duidelijker worden geïnformeerd over de regels en de universiteit bekijkt of de huidige werkwijze en inzet van surveillanten aangepast moeten worden. Ook lopen er universiteitsbrede gesprekken over de toepassing van de regels.

Inmiddels heeft Deege de herkansing gehaald. Daarmee heeft ze haar studie, op een stageperiode na, succesvol afgerond, maar dat neemt het gevoel van onrecht niet weg. ‘Voor mij ging het uiteindelijk niet meer om dat cijfer. Ik wilde vooral dat de universiteit zou erkennen dat dit anders had gekund.’

Volgens haar gaat de zaak uiteindelijk over een principiële vraag. ‘Regels zijn belangrijk om de kwaliteit van tentamens te waarborgen. Maar dan moet het voor studenten wel mogelijk zijn om zich aan die regels te houden. Nu kreeg ik toestemming van een surveillant, deed precies wat mij werd gezegd en werd ik daar achteraf toch op afgerekend.’

Univers vroeg Wim Dubbink, hoogleraar ethiek aan Tilburg University te reageren op het verhaal van Deege

‘De universiteit heeft allerlei verantwoordelijkheden, enerzijds naar de studenten toe en anderzijds naar de kwaliteit van de opleiding toe. Die kwaliteit moet ook zwaar doorwegen. Dat kan soms betekenen dat men studenten geen gelijk geeft, ondanks dat men inziet dat er sprake is van een ongelukkige samenloop van omstandigheden.

‘Ik kan het besluit van de commissie wel begrijpen. Een student naar het toilet laten gaan, is een groot probleem voor de kwaliteit. De surveillant heeft een grote fout gemaakt.

‘Maar mensen maken allerlei fouten en je kan van een instantie die fouten maakt niet altijd zeggen dat ze de gedupeerde maar in het gelijk moet stellen. Een volledig rechtvaardige en billijke samenleving is een onhaalbaar ideaal.

‘Stel, er is in dit geval dan een andere student die het tentamen niet gehaald omdat hij zo nodig moest plassen. Maar deze student kende de regels wel. Is het dan wel billijk dat deze student het tentamen niet haalt omdat hij zich van tevoren heeft geïnformeerd terwijl deze student, die de regels niet kende en zich in deze zin minder goed voorbereidde, het tentamen wel haalt?

‘In de billijkheidssamenleving leeft ook het idee dat als een instantie een fout maakt, jij onmiddellijk recht hebt op wat je wilt hebben. Dat is een misvatting. Instanties moeten zorgvuldig zijn maar je kunt ze niet het recht ontzeggen om fouten te maken. De universiteit zou wel excuses kunnen aanbieden voor de ontstane situatie en – als onderdeel daarvan – op basis van dit geval nog eens moeten kijken naar de instructies die worden gegeven aan surveillanten.’

Univers vroeg de examencommissie uiteraard om een reactie, maar die gaat niet in op individuele gevallen.

 

 

Advertenties.

Bekijk meer recent nieuws

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte. Meld je aan voor de nieuwsbrief van Univers.