TiU’s belangrijkste verbinder wetenschap en praktijk stopt

TiU’s belangrijkste verbinder wetenschap en praktijk stopt

Zeventien jaar is Henk Garretsen voorzitter van onderzoeksinstituut Tranzo, dat hij zelf oprichtte. Terugblikkend op het succes van de praktijk in huis halen en naar die praktijk toegaan, draagt hij vandaag het stokje over tijdens het symposium ‘Er ligt een schone taak’.

Het begint met een grapje van dagvoorzitter Aad de Roo: “Wat een opkomst. U komt zeker allemaal om te kijken of het wel echt waar is?” Inderdaad, Garretsen stopt er dan eindelijk mee.

TSH-decaan Klaas Sijtsma trapt de eerste inhoudelijke bijdrage af. Op Tilburg University belichaamt niets valorisatie – kennis beschikbaar maken voor de praktijk – zo als Tranzo, vertelt hij. “Waarschijnlijk weten jullie allemaal wat het is en waarom het belangrijk is. Kennis moet op den duur leiden tot nuttige toepassingen.” Bijvoorbeeld betere psychologische testen, personeelsinstrumenten en organisatieadvies.

Natuurlijk moet je eerst onderzoek doen en dat levert soms nutteloze kennis op. Daar kan je niet op voorselecteren, maar je kan er volgens Sijtsma wel efficiënter in worden. “En daarvoor heeft Tranzo een eenvoudig recept bedacht, dat navolging verdient.”Maar eerst meer over Henk Garretsen, de man die het recept bedacht. “Hartstikke leuk dat jullie met zovelen zijn gekomen,” opent hij zijn verhaal dat hij zal aankleden met grapjes en komische sheets. Garretsen is nog herstellende van een griep, die zijn Helmonds accent lijkt te versterken. “Het is nog een beetje kwakkelen, maar ik dacht ik zal toch maar komen.” De zaal ligt krom van het lachen, niet voor de laatste keer deze middag.

De universiteit is lang een ivoren toren geweest, vertelt Garretsen. Het begon met onderwijs, toen kwam er onderzoek bij en de laatste jaren ligt veel nadruk op valorisatie. Volgens Garretsen moeten we een volgende stap zetten: “Qua maatschappelijke relevantie is er nog een wereld te winnen.” Daarbij merkt hij op dat fundamenteel onderzoek onverminderd belangrijk is.

Eenrichtingsverkeer. Zo duidt Garretsen de stap naar de praktijk met name, en meer gericht op economisch gewin dan maatschappelijk nut. In Garretsens ideale wereld, zo blijkt, werken wetenschappers in de praktijk en werken praktijkdeskundigen in de universiteit. En wordt er vakoverstijgend gewerkt, want geen discipline kan de vragen van vandaag alleen beantwoorden.

“Wetenschap en praktijk moeten samenwerking in volstrekte gelijkwaardigheid”

Maar ja, wie moet die samenwerking op gang brengen? Wetenschappers hebben daar volgens Garretsen vaak weinig zin in, ze weten hun kennis niet gebruiksvriendelijk aan te bieden en ze worden niet afgerekend op valorisatie maar op publicaties. Ook van de praktijk verwacht hij geen voortrekkersrol: zij hebben allerlei redenen om niet geïnteresseerd te zijn in onderzoek. Het lijkt niet nodig, het werk lijkt te complex of wetenschappelijke resultaten onbruikbaar. In de zaal rinkelt luid een telefoon, waarop Garretsen onderbreekt: “Als het voor mij is, ik ben er even niet.”

Wil er iets gebeuren, dan moeten wetenschap en praktijk samen optrekken. “In volstrekte gelijkwaardigheid, met behoud van eigen expertise. En je moet het heel goed regelen. Met convenanten, met ontmoetingsruimtes.” En daar komt het succesrecept uit de mouw: toen Garretsen in 2000 begon als hoogleraar management gezondheidszorg, richtte hij Tranzo op. En academische werkplaatsen, twaalf inmiddels, naar het voorbeeld van de academische ziekenhuizen. Praktijkplaatsen waar de wetenschap dwars doorheen loopt.

“Het verbinden van partijen is verrekte moeilijk”

Dáár verbindt Tranzo volgens Garrets wetenschap en praktijk. Andere deelnemers aan het symposium beamen dat met persoonlijke getuigenissen. In samenwerkingen van vijf jaar worden afspraken gemaakt over kennisontwikkeling en kennisuitwisseling. “Beide partijen investeren en beide moeten profiteren.” Eenvoudig is dat niet, maar daarin speelt de verbindende en motiverende Garretsen volgens andere deelnemers een cruciale rol in het succes van de werkplaatsen en Tranzo.

“Het verbinden van partijen is verrekte moeilijk,” sluit hij af. “Maar het enige waar het uiteindelijk omgaat, is een bijdrage aan betere zorg en welzijn voor de cliënt of burger. Daar doen we het voor. En ook belangrijk: het is heel leuk.”

Henk Garretsen werkt sinds 2000 aan Tilburg University als hoogleraar gezondheidszorgbeleid en is oprichtend voorzitter van onderzoeksinstituut Tranzo. Daarvoor werkte hij in de gezondheidszorg, en het begon allemaal met een promotie op probleemdrinken. Bij Tranzo wordt hij wegens zijn pensionering opgevolgd door Dike van de Mheen, hiervoor onder meer bijzonder hoogleraar verslaving aan de EUR en UM.

Advertentie

Bekijk meer recent nieuws

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte. Meld je aan voor de nieuwsbrief van Univers.