Koeman had het aanvallende spel van Oranje door moeten trekken

Koeman had het aanvallende spel van Oranje door moeten trekken

Nederland ligt uit het WK voetbal. ‘Verschrikkelijk,’ vindt Tom Grosfeld dat Ronald Koeman voor een vijfde verdediger koos. ‘Trainers willen vooral het spel controleren en beheersen. De magie wordt beteugeld.’ Koeman had het ‘aanvallende en bij vlagen frivole spel van de vorige wedstrijden door moeten trekken.’

Tom Grosfeld. Beeld Ton Toemen

Dus ik de wekker zetten om Nederland – Marokko te kijken, vliegt Nederland eruit. Kan gebeuren. Het is maar een spelletje. Maar toch: de manier waarop. Verschrikkelijk. In het kort: in plaats van dat Koeman het aanvallende en bij vlagen frivole spel van de vorige wedstrijden probeerde door te trekken – in onze favoriete formatie 4-3-3 – koos hij voor een defensieve variant. Hij offerde onze aanvallende middenvelder, onze ‘nummer 10’, Tijjani Reijnders, op voor Nathan Aké, een extra verdediger.

Blijf nog even bij me, lieve lezer, ik ben de frustratie heus niet van me af aan het schrijven, dit verwordt niet tot gesnotter en ge-jij-bak. 

Waar het me namelijk om gaat is dat deze wedstrijd illustratief was voor een bredere trend in het voetbal: steeds meer trainers willen vooral het spel controleren en beheersen. De magie, het intuïtieve aanvalsspel, wordt beteugeld. Ja, zelfs het voetbal rationaliseert (en ergens zegt dat zelfs iets over onze samenleving, onze hele manier van zijn). 

Het slachtoffer van deze filosofie is niet alleen Tijjani Reijnders. Het zijn alle nummer 10s ter wereld. Deze positie – ooit de positie waar het allemaal om draaide, de positie van de kunstenaar, van de grillige, onvoorspelbare en flanerende voetballer – is steeds meer aan het wankelen. Wordt door trainers als last gezien. 

En dat is al langer gaande. Even wat context: de nummer 10 is een speler die van oudsher veel vrijheid heeft om te doen wat in hem opkomt. Hij strooit met geniale passes en verwent het publiek met technische hoogstandjes, maar is ook een beetje lui, loopt regelmatig maar wat te wandelen over het veld.

Denk aan: Maradona, Cantona, Aimar, Kaka, Zidane en ja, Van der Vaart. 

Langzaam, zonder dat we echt doorhadden wat er gebeurde, is dat type verdwenen. De Italiaanse schrijver en filosoof Alessandro Baricco wijt dat aan de komst van de ‘barbaren’. In zijn gelijknamige boek schrijft hij over de geleidelijke teloorgang van ons cultuurbesef. Door de barbaren bevindt de huidige cultuur zich in een staat van mutatie: het gaat over van een verfijnde naar een meer oppervlakkige cultuur. Ineens was er Hollywoodwijn, werden boeken toegankelijker geschreven en belandde de klassieke nummer 10 op de bank.

Grote halen, ja, maar hij heeft gelijk. Geloof me. 

Riquelme, Del Piero, Wesley Sneijder, Totti: de geniale voetballers, de voetballers waarvoor we de televisie aanzetten of naar het stadion komen, werden ingeruild voor de complete nummer 10s, de Müllers, Ballacks en de De Bruynes, die niet alleen geniaal waren, maar ook hard werkten, mee terug verdedigden, ballen veroverden, kunstenaars die ook het vuile werk opknapten. Dat is best prettig voor het team als geheel, maar gaat wel ten koste van de individuele genialiteit.

Maar zelfs deze complete nummer 10s, de categorie waartoe ook Tijjani Reijnders behoort, verdwijnen langzaam uit het voetbal. Ze zijn hun positie niet meer zeker. Want ja, denken die trainers, ze zijn toch wel wat aanvallend ingesteld, geven ruimtes weg doordat ze telkens naar voren sprinten. Hmmm…. Misschien inruilen voor een extra verdediger? 

Nog even en de nummer 10 zal helemaal uit het voetbal verdwijnen. Wij, de fans, zullen achterblijven met slechts een herinnering aan hun genialiteit. Eerst levendig, dan steeds fletser en valer en dunner tot we ze helemaal vergeten zijn.

Tom Grosfeld is journalist en alumnus van Tilburg University.

Bekijk meer recent nieuws

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte. Meld je aan voor de nieuwsbrief van Univers.