Creativiteitsonderzoeker De Rooij: ‘AI maakt ons niet meer, maar juist minder creatief’

Creativiteitsonderzoeker De Rooij: ‘AI maakt ons niet meer, maar juist minder creatief’

Gelikte foto’s, professioneel ogende teksten en folders. Met AI maak je tegenwoordig zelf de meest fantastisch creaties. Maar daar betalen we wel een prijs voor, blijkt uit onderzoek. ‘We worden minder creatief.’

AI maakt mensen minder creatief. Beeld: ChatGPT

Wie door de socials scrolt, kan concluderen dat veel teksten en foto’s meer van hetzelfde zijn. Maar is dat ook echt zo? En zo ja, hoe toon je dat aan, vroegen Alwin de Rooij, universitair docent Creativity Research in Tilburg, en zijn Deense collega Michael Mose Biskjaer van Aarhus University zich af. Het voorlopige onderzoeksresultaat: het klopt dat door AI de diversiteit in creatieve uitingen afneemt.

Voor hun onderzoek naar uitkomsten van AI-toepassingen vergeleken De Rooij en Biskjaer een aantal empirische studies uit de periode tussen 2022 en 2026 naar interactie tussen mens en computer (Human-Computer Interaction, kortweg HCI, red.) van collega-wetenschappers, vanaf de publieke introductie van chatbots.

Voor dit artikel heeft de redactie van Univers aan ChatGPT gevraagd om een passende illustratie te maken. Dit is een uitzondering. Univers werkt vanuit journalistieke principes alleen met menselijke illustratoren en fotografen. Deze illustratie van ChatGPT laat zien waarom.

Dynamiek

Die chatbots hebben de neiging om vooral meer van hetzelfde te produceren. Nu zijn monocultuur en homogenisering, kort gezegd eenheidsworst, niet exclusief iets van deze tijd. In kunststromingen zag je ook dat schilders, muzikanten en andere artiesten elkaar gingen nadoen als iets succesvol was, vertelt De Rooij. Maar er zijn altijd artiesten die de eenvormigheid op hun beurt weer doorbreken.  

‘De dynamiek daarachter is dat onverwachte dingen de mogelijkheid bieden voor diversiteit aan nieuwe inhoud en zo tot nieuwe stromingen kunnen leiden’, zegt De Rooij. ‘Dat is de tegenhanger van monocultuur. Die beweging, dat spanningsveld, is er dus altijd al geweest.’

Voordelen

‘Het verschil met nu is de schaal waarop homogenisering zich voordoet’, aldus De Rooij. ‘AI-technologie blijkt een belangrijke drijfveer voor homogenisering. En zeker het feit dat miljoenen mensen dezelfde technologie op een vergelijkbare manier gebruiken om hun creativiteit te ondersteunen. Het gelijktijdige gebruik van die technologie speelt een belangrijke rol in de uitkomst.’

Het gebruik van AI biedt voordelen voor gebruikers. ‘We zien dat het mensen die creatief niet goed getraind zijn een voordeel biedt in dat creatieve proces,’ zegt De Rooij. ‘Maar wat het model vooral doet, is de mindere ideeën er al in een vroeg stadium uitfilteren.’

Baanbrekende ideeën

De andere kant van de medaille is dat ook goede ideeën daardoor kunnen sneuvelen. De Rooij. ‘Maar we weten nog niet goed wat de AI-modellen precies doen met die excellente uitkomsten, die juist wel gewenst zijn.’ Dat proces vraagt om verder onderzoek.

‘Want wie zit er nou te wachten op meer gemiddelde creativiteit?’ vraagt De Rooij zich retorisch af: ‘Je wilt liever die paar excellente en baanbrekende ideeën hebben, die echt een impact maken.’

Eenheidsworst

Worden we dan met z’n allen minder creatief? ‘Dat ligt eraan hoe je AI gebruikt,’ nuanceert De Rooij, ‘en op welk moment in de ideeënvorming je AI toepast. Ik zie nu studenten die expres geen AI-modellen gebruiken, want dat leidt volgens hen tot eenheidsworst. Ze willen hun eigenheid bewaren en diversiteit behouden door juist weg te blijven van AI-technologie.’

Aan de andere kant heb je ook AI-gebruikers die modellen juist inzetten en trainen om hun creativiteit te stimuleren: ‘Sommige mensen vinden AI interessant, want die kunnen patronen halen uit gegevens die ze inspirerend vinden, bijvoorbeeld in het ontwikkelen van kunst.’

Diversiteit stimuleren

Kunnen we modellen niet zo maken dat ze meer diversiteit in hun output bieden? De Rooij: ‘Dat is tot nu toe niet heel makkelijk gebleken. Als je de willekeurigheid van de output omhoog gooit, krijg je niet zozeer originaliteit, maar meer incoherentie: uitkomsten die nergens op slaan en geen onderlinge samenhang hebben.’

Large language models hebben bijvoorbeeld een soort ‘temperatuurparameter’. Als die bij wijze van spreken heel laag staat ingesteld, krijg je het statistisch meest waarschijnlijke woord bij de meest waarschijnlijke tekst. Als je de ‘temperatuur’ omhoog gooit, krijg je steeds minder waarschijnlijke woordcombinaties. Dat leidt dus eerder tot incoherentie, dan tot een betekenisvolle diversiteit.’

Gevolgen voor de samenleving

Het grootschalige gebruik van AI lijkt op een bovenindividueel niveau tot meer homogeniteit en minder diversiteit aan ideeën te leiden. ‘De gevolgen daarvan voor de maatschappij gaan we nu langzaam maar zeker ondervinden,’ denkt De Rooij, ‘juist omdat we op zo’n grote schaal deze technologie zijn gaan gebruiken. Dit was een eerste verkennend onderzoek, en we moeten daarom zeker vervolgonderzoek gaan doen, vanwege de mogelijke sociale en culturele implicaties.’

Advertentie.

Bekijk meer recent nieuws

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte. Meld je aan voor de nieuwsbrief van Univers.