Dual career officer Ferenc Jongejan: ‘Een talentenstatus is geen golden ticket’
Een topsporter die een deadline mist vanwege een toernooi, kan soms rekenen op extra flexibiliteit van de universiteit. Voor een student die een kind heeft of mantelzorg verleent, ligt dat anders. Dual career officer Ferenc Jongejan legt uit waarom: ‘Mantelzorgen of ouderschap koppelen aan een specifiek talent is lastig.’

Ferenc Jongejan weet uit eigen ervaring wat het betekent om twee carrières te combineren. Hij speelde op hoog niveau honkbal, woonde zes jaar in Amerika en was vier jaar prof. Ook maakte hij twee Olympische Spelen mee. Tot zijn lichaam hem op zijn 25ste dwong te stoppen.
Inmiddels werkt hij al twaalf en een half jaar bij Tilburg University, waar hij als dual career officer studenten begeleidt die hun studie combineren met bijvoorbeeld topsport, ondernemerschap of podiumkunsten.
Wat houdt een duale carrière precies in?
‘Het gaat om het combineren van twee carrières, waarbij de ene een universitaire studie is en de andere bijvoorbeeld een topsportcarrière. Dat doen deze studenten op basis van een bijzonder talent. We zijn ooit begonnen met beleid voor topsporters, maar hebben de doelgroep inmiddels uitgebreid. Ook begeleiden we e-sporters, ondernemers, artiesten en sinds kort volksvertegenwoordigers. Daarnaast ondersteunen we coaches, scheidsrechters en juryleden.’
‘Dual career-studenten zijn mooie uithangborden en hun verhalen dragen bij aan de bekendheid van Tilburg University’
Waarom vallen juist deze groepen binnen het programma?
‘Studenten die binnen deze doelgroepen vallen kunnen hun topsportcarrière, onderneming of artiestenbestaan niet zomaar stilzetten omdat ze moeten studeren. Andersom werkt het ook niet: als ze hun studie stilleggen om zich op hun andere carrière te richten, kunnen ze studievertraging oplopen of een achterstand op de arbeidsmarkt krijgen.
‘Zij hebben de ambitie en de capaciteiten om een universitaire opleiding te volgen, maar kunnen niet altijd voltijd studeren. Daarom is flexibiliteit nodig om hun talent te kunnen ontwikkelen.’
Waarom wil de universiteit deze studenten ondersteunen?
‘Deze studenten zijn interessant voor de universiteit. Ze zijn mooie uithangborden en hun verhalen dragen bij aan de bekendheid van Tilburg University.
‘Maar het gaat niet alleen om die zichtbaarheid. Het zijn vaak ook goede academici die een mooie bijdrage kunnen leveren aan de maatschappij, zowel vanuit de universiteit als daarbuiten.’
Kun je een voorbeeld geven van een student voor wie de ondersteuning echt verschil heeft gemaakt?
‘Dat zit vaak in kleine dingen. Studenten zijn zo druk bezig om alles te combineren dat ze soms vastlopen. Dan gaan we samen in gesprek, soms ook met de examencommissie, om te kijken of er een oplossing is. Het is mooi als een student daardoor alsnog kan afstuderen zonder onnodige studievertraging.
‘Een voorbeeld dat me altijd is bijgebleven, is turner Frank Rijken. Ik werd destijds gebeld door NOC*NSF met de vraag of wij iets voor hem konden betekenen. Bij zijn onderwijsinstelling liep hij vast. We hebben hem hier binnengehaald en vier jaar later liep hij met zijn bachelordiploma Bedrijfseconomie de deur uit. Een jaar daarna stond hij op de Olympische Spelen.’
‘Mantelzorgen of ouderschap koppelen aan een specifiek talent is lastig. Wanneer ben je een goede moeder?’
Jullie bieden maatwerk aan studenten met een bijzonder talent. Maar hoe zit het met studenten die hun studie combineren met mantelzorg, ouderschap of een baan om financieel rond te komen? Ook zij kunnen tegen flinke problemen aanlopen.
‘Ook dat zijn studenten om trots op te zijn. Ik wil niets afdoen aan wat mantelzorgers voor elkaar krijgen, hoe zwaar dat is en hoe belangrijk het is. Maar de duale carrière richt zich vooral op studenten die een bijzonder talent hebben. Denk bij topsport aan bepaalde kwaliteiten en prestaties. Iedereen vindt voetballen leuk, maar als je kijkt naar de absolute wereldtop heb je bepaalde talenten nodig.
‘Mantelzorgen of ouderschap koppelen aan een specifiek talent is lastig. Wanneer ben je een goede moeder? Of een uitstekende moeder? Hoe ga je dat kwalificeren? Moet iemand twee, drie, vier of vijf kinderen hebben voordat diegene in aanmerking komt voor faciliteiten? En hoe meet je dat bij mantelzorg? Dat is ingewikkeld.’
Moet er een competitief element aan verbonden zijn om deze hulpbehoevende studenten dezelfde ondersteuning te geven als topsporters? Zij moeten hun studie combineren met verantwoordelijkheden waar ze niet zomaar onderuit kunnen.
‘Vanuit de universiteit zijn er voorzieningen voor deze studenten. Alleen zijn die anders ingericht dan de faciliteiten voor de doelgroepen die nu binnen de duale carrière vallen’
Univers sprak eerder met Kim Smits, een studerende moeder. Zij vertelde dat deze faciliteiten en voorzieningen niet toereikend waren. Studenten met een topsportstatus krijgen wel die ruimte. Kun je begrijpen dat dat steekt?
‘Ik kan haar daar best in volgen. Dat de voorzieningen die een universiteit aanbiedt niet toereikend zijn voor alle studenten, ontken ik niet. Zelfs binnen de duale carrière zijn er studenten die in de knoop komen met tentamens omdat ze naar een toernooi moeten. Ook zij moeten soms keuzes maken.
‘Het ingewikkelde is dat er veel doelgroepen zijn die ondersteuning vragen en waarvan je je kunt afvragen of ze die zouden moeten krijgen. Daar heeft iedereen zijn eigen ideeën over. Ik kan vanuit mijn rol op persoonlijk vlak vinden dat ook mantelzorgers en jonge ouders ondersteuning moeten krijgen. Maar op dit moment vallen zij buiten de kaders van de duale carrière.
‘Wat ik wel als langetermijnvisie heb, is dat de ondersteuning die we nu bieden aan studenten met een duale carrière uiteindelijk de standaard wordt voor alle studenten. Op dit moment worden niet alle studenten met een hulpvraag geholpen. Het zou mooi zijn als dat in de toekomst wel lukt.’
‘Op dit moment worden niet alle studenten met een hulpvraag geholpen. Het zou mooi zijn als dat in de toekomst wel lukt.’
Als alle studenten meer flexibiliteit krijgen, hoe voorkom je dan dat het onderwijsprogramma een soort menukaart wordt?
‘Daar moet zeker over worden nagedacht. We zijn ook bezig met de vraag wat flexibilisering betekent en hoe je dat moet inrichten. Dat gesprek wordt intern op de universiteit gevoerd en op landelijk niveau.
‘De individuele gesprekken die we met studenten voeren, gaan vooral over verwachtingsmanagement: wat is mogelijk? Waar kun je als universiteit wel en geen flexibiliteit bieden? Het uitgangspunt is dat studenten het reguliere curriculum volgen en dat daar bepaalde voorwaarden aan verbonden zijn.
‘Waar dat botst met een duale carrière, kijken we in hoeverre we iets kunnen bieden. Maar het komt ook voor dat flexibiliteit niet mogelijk is. Het is niet zo dat je een topsportcarrière hebt waar je omheen probeert te studeren.
‘Het zijn twee carrières. Allebei hebben ze eisen, voorwaarden en verwachtingen. Een talentenstatus biedt dus de mogelijkheid om in gesprek te gaan als het niet lukt. Maar het is geen golden ticket of wondermiddel.’
Zijn er nog faciliteiten die je graag zou willen toevoegen?
‘We zouden het mooi vinden als studenten weer op afstand een tentamen kunnen maken, zoals tijdens de coronaperiode. We begrijpen dat dit gevoelig ligt, bijvoorbeeld vanwege de kans op fraude. Maar het zou mooi zijn als een student die in Argentinië is voor een toernooi toch een tentamen kan maken. Dan hoeft diegene niet per se te kiezen tussen een belangrijk sportmoment en de studie.’

