Een middagje winkelen

Toen ik zaterdagmiddag bij de kassa van een middelgrote handelsonderneming in huishoudelijke artikelen stond te wachten, riep van verre een verkoopster tegen mij: ik kom er zo aan, mijnheer. Ik riep terug dat ik helemaal niet wilde dat ze er aan kwam. Met van die koude handen zeker, nee dank je.

Toen mijn vrouw vervolgens in een kledingwinkel de gehele nieuwe wintercollectie had gepast, en ook nog de oude zomercollectie, zonder dat ook maar iets haar kon bekoren, vroeg de vermoeide verkoopster of ze verder nog iets voor ons kon doen. Ja, antwoordde mijn vrouw, de afwas.

Toen ik mij daarna in een fotospeciaalzaak uitvoerig het gebruik van allerlei digitale camera’s had laten uitleggen, met zoomlenzen en groothoeklenzen en zo meer, vroeg de verkoper of er misschien nog vragen waren. Ja, antwoordde ik, is er leven na de dood?

Het bedienend personeel in winkels stelt de meest onduidelijke, ja soms zelfs dubbelzinnige vragen. En kan het antwoord dat je geeft nooit echt waarderen. Ze kijken je aan met een blik die je ook wel in de ogen van psychiatrische patiënten ziet als zij worden overgebracht naar een extra-beveiligde afdeling.

Het aantal winkels in ons kleine winkelcentrum waar wij niet meer welkom zijn, neemt intussen sterk in aantal toe.

Advertentie

Bekijk meer recent nieuws

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte. Meld je aan voor de nieuwsbrief van Univers.