De hapjes van Ingrid

SdVlogoHet moet een vlaag van verstandsverbijstering zijn geweest. En van overmoed. De Socioloog des Vaderlands deed een half uurtje lollig tegen de eerstejaars studenten van zijn Faculteit door een uiterst originele kwis te doen. De prijs? Een blog over een thema naar keuze. En wat koos de winnares? ‘De hapjes van Ingrid’. Ben je lekker klaar mee. Nu ja, de SdV heeft wel eens voor hetere vuren gestaan, dus daar gaat ie.Of ik van Ingrids hapjes houd weet ik niet – heb die dingen nooit mogen proeven. Maar van eten houd ik natuurlijk wel. Net als de rest van de samenleving. Vroeger, toen Ingrid nog niet in de keuken te vinden was, hielden de mensen ook van eten, maar was er gewoon minder van het spul voorradig. Als je geluk had, had je net genoeg. Maar tegenwoordig hoeven we niet te sappelen. Voedsel  – meestal verrijkt e-nummers, met onmisbare suikers (cornsyrup), en met zout  – is overal te krijgen. Goedkoop als de klere. En heerlijk! Onder het credo ‘Lekker eten is niet vies’ slaan hele volksstammen aan het vreten. En dat houdt natuurlijk niet op als je geen honger meer hebt. Je kunt eten uit verveling. Voor de gezelligheid. Omdat je verdrietjes hebt. Omdat je slaapt. Of gewoon omdat je het gewoon altijd doet. En je weet wel wat dat betekent? Dat we dikker en dikker worden met zijn allen.

obesitas in Nederland

Volgens Dagevos en Munnichs zijn we beland in de Obesogene samenleving. De dikkerds zijn overal. De samenleving gaat er letterlijk gebukt onder. Steeds meer mensen hebben last van vetzucht. Schuif je dagelijks een pizzaatje naar binnen, dan blijft er weinig van je wasbordje over. Gooi je vaak om een uurtje of vier wat frikandellen en nasi-schijven in de vetput, ‘om de middag door te komen’, blijkt je BMI met drie punten per jaar omhoog te schieten.  Met alle risico’s van dien – van suikerziekte tot doodgaan.. Tja, leuk is het allemaal niet.

Het hele idee dat we in een Obesogene samenleving leven en dat iedereen er last van heeft, klopt natuurlijk niet. Feit is dat obesitas ongelijk verdeeld is over de maatschappij. Sommigen hebben er minder last van. Binnen hogere sociale klassen hebben mensen er minder last van dan mensen uit lagere regionen.

sesDe traditionele verklaringen, zware botten en genetische aanleg, werken hier maar beperkt. Want er is geen reden om aan te nemen waarom deze fenomenen enkel aan de onderkant van de samenleving zouden voorkomen. Dat zit ingewikkelder. Er zit een economische en een culturele component aan deze verschillen.

Ten eerste wordt er beweerd dat iemands portemonnee bepaalt welk en hoeveel voedsel mensen tot zich kunnen nemen. Mensen met een minder grote beurs kunnen daarom minder vaak verse groenten kopen, zich minder biologisch geteelde quinoa permitteren, of gezonde, op de flanken van de Etna geteelde havermout eten. En daarom schaffen daarom vaker lekkere  croky chips en plofkippen aan om de uitgerekte magen vol te stouwen. Zelf geloof ik er niet zo in – want wat kost nou eenmaal een prei bij de Lidl? Healthy as hell, en het kost ook nog eens niets. En zelf koken is nog altijd goedkoper dan je volladen in de lokale McDonalds, maar goed: meer onderzoek naar deze typische welvaartsziekte, bladibla.

De tweede verklaring is meer cultureel van aard. Mensen willen zich namelijk altijd, maar ook via het voedsel dat ze tot zich nemen, onderscheiden van de andere luitjes. Zeker in tijden van toenemende vetzucht is het voor groepen mensen belangrijk zich te onderscheiden door een gezond dieet, en zich te matigen. Als je dun bent, weet je de verleidingen van de moderne samenleving te weerstaan, en slaag je als mens, is in het kort de gedachte. Mark Elchardus, Vlaams socioloog, schreef het al eerder: Zelf-controle is de nieuwe vorm van sociale controle (dat denken we tenminste). En sommigen slagen daar nou eenmaal beter in dan anderen. Die anderen laten zich lekker gaan. Schijnbaar zonder gevoelens van schaamte.jelekkerlatengaan

Zelf doe ik trouwens ook geregeld de wenkbrauwen omhoog gaan bij mensen wier mondhoeken permanent op de cultuurstand staan. Hoogleraren moeten namelijk houden van dure wijn en exquise liflafjes (steevast aangeduid als hors-d’oeuvres). En zich een beetje matigen. Zelfcontrole is tegenwoordig van belang om je te onderscheiden van de rest. Nu ja, ik trek die geavanceerde tapas gewoon niet zo. En omdat ik zware botten en genetische  aanleg heb, heb ik altijd na-honger. Doe mij dus maar gewoon wat bitterballen (van OmaBobs) en Bier (van welk merk dan ook). Liefst veel! Dus Ingrid – als je meeleest – slinger die vetput maar aan!

 

PA

Advertentie

Bekijk meer recent nieuws

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte. Meld je aan voor de nieuwsbrief van Univers.