Wetenschappers en hun idealen: Jolanda de Vries

Wetenschappers moeten publiceren, internationaal een naam opbouwen, subsidies binnenhalen en lesgeven. Maar wat zijn hun drie belangrijkste idealen en kunnen ze daar nog recht aan doen? Univers sprak vier hoogleraren en een universitair docent. Vier portretten verschijnen vandaag in de papieren Univers nummer 8. Het vijfde portret van Jolanda de Vries lees je hieronder.

Tijdens haar studie in Leiden trok de wetenschap Jolanda de Vries al. Ze deed twee onderzoeken voor haar afstuderen en had een groot plezier in het samenstellen van een syllabus over het ontwikkelen van vragenlijsten. Hypotheses boeiden haar: “Je legt puzzelstukjes aan elkaar en vraagt je steeds af: wat zou het nou echt zijn?” Drie dagen werkt ze nu als hoogleraar, twee dagen behandelt ze als psycholoog in het ziekenhuis kankerpatiënten. De belangrijkste idealen van de hoogleraar Kwaliteit van leven: toepasbaarheid, samenwerken en focus.

1. Toepasbaarheid

“Wat me altijd opvalt is dat bijna iedereen hier heel bevlogen is, er zit veel passie bij mensen. Een intrinsieke motivatie om dingen te bereiken. Ook bij mij. Ik wil niet alleen een leuk artikel schrijven en weer verder gaan. Met mijn onderzoek naar de kwaliteit van patiënten en zorg wil ik iets betekenen voor mensen. Ik hecht veel waarde aan de link tussen science and practice. Als het over valorisatie gaat denk ik, dat doen wij hier volgens mij al.”

2. Samenwerken

“Als wetenschapper ben je heel autonoom, je kan zelf dingen bedenken en onderzoek doen. Toch werk ik nooit alleen, ik heb altijd samengewerkt. Met collega’s van hier, maar ook met andere medisch specialisten. Het is altijd een ‘wij’, ieder brengt zijn expertise in. Ik vind dat ontzettend leuk en een belemmering is het zeker niet. In de loop van mijn carrière heb ik wel gemerkt dat mensen soms auteur willen zijn van een paper, zonder een bijdrage te leveren. Dan is het de vraag of je vasthoudt aan de regels of zegt dat ze de volgende keer wel moeten leveren. Natuurlijk moeten we ook subsidies binnenhalen, er is tegenwoordig minder onderzoeksgeld. Als ik dat doe bij een zorgverzekeraar, kijk ik wat ik wil bereiken en of daar een match is. Zodat je samen hetzelfde doel hebt. Meestal lukt dat. De driehoek van patiëntenzorg, onderwijs en onderzoek waarin ik werk, maakt dat ik scherp blijf.”

3. Focus

“Toen ik begon als wetenschapper inventariseerde ik hoe het zit met de kwaliteit van leven, nu gaat het meer over wat die kwaliteit bepaalt. En hoe je die factoren zo kan beïnvloeden, dat de kwaliteit van leven beter wordt na een interventie. Ik begon dus met die wetenschappelijke puzzel, toen ben ik in het ziekenhuis gaan werken. Daar gebeurde iets. De specialisten daar hebben me mede gevormd in mijn onderzoeksdenken: waar wil ik naartoe, wat vind ik belangrijk? Mijn focus ligt op oncologie, fysiek trauma en longziektes. Heel veel andere dingen doe ik juist niet, om die focus te kunnen maken. Dan kan ik dieper gaan en met interventies en publicaties meer impact hebben op de praktijk.”

In het tijdschrift lees je de portretten van Rob van Gestel, Hans Gribnau, Astrid Kramer en Wim Dubbink.

Advertentie

Bekijk meer recent nieuws

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte. Meld je aan voor de nieuwsbrief van Univers.