West-Europese legers zijn ouderwets en achterhaald

Oorlog was voor Nederlanders lange tijd iets van het verleden. Dat is veranderd, ziet Tom Grosfeld. Net als de manier van oorlogvoeren: dat gebeurt nu vaker met drones dan met mensen. ‘Legers van landen in West-Europa voelen plots ouderwets en achterhaald aan.’

Tom Grosfeld. Beeld Ton Toemen

Ik denk de laatste steeds vaker aan, tja, uh, oorlog. Tot nu toe is het me altijd goed gelukt om net te doen alsof er voor mij – en dan bedoel ik eigenlijk voor ons, hier in Nederland – niet zo veel aan de hand is. Ook ik ben opgegroeid met het idee dat oorlog iets van het verleden is, iets dat achter ons ligt. Hoeven we ons niet echt zorgen over te maken. Mijn kinderen zal ik over een paar jaar een ander verhaal moeten vertellen. 

Ik zie mezelf niet snel met een geweer in de hand. En dat hoeft ook niet, lijkt me. 

De oorlog tussen Rusland en Oekraïne is inmiddels een oorlog tussen drones en andere autonome wapenvoertuigen. Oekraïne loopt zelfs voorop in het ontwikkelen van dit soort drones. Legers van landen in West-Europa voelen plots ouderwets en achterhaald aan. 

Ook Amerika (en landen als China, Rusland, enzovoorts) zet vol in op autonome wapens. Bedrijven als Google, OpenAI, xAI en tot voor kort Anthropic beschikken over lucratieve contracten met het Pentagon, die onbeperkte toegang heeft tot de software van deze AI-bedrijven (AI-model Claude van Anthropic werd al ingezet bij de ontvoering van Maduro in Venezuela en de bommenregen op Iran). 

En dat is pas het begin. Nog een paar jaar, en er zal geen mens meer aan te pas hoeven komen. Ja, om op wat knoppen te drukken, hoogstens. 

Ik moet denken aan filosoof Günther Anders, die ruim een halve eeuw geleden al schreef dat de mens meer kan dan hij in staat is zich voor te stellen, meer kan dan hij werkelijk begrijpt. ‘Met één handgreep valt een stad van duizenden inwoners te vernietigen. Voorstellen kunnen wij ons slechts misschien tien van hen, rouwen en verdriet hebben om één of twee, die wij toevalligerwijs gekend hebben. Eén mens lichamelijk doden, iemand die je recht in de ogen kijkt, dat raakt de zwaarste taboes. Tien anonieme mensen van een toren gaat al veel gemakkelijker. Miljoenen op duizenden kilometers afstand doden vanachter een paneel kan zonder enige emotie.’

Toekomstige oorlogen zullen steeds mechanischer worden, de mens zal niet meer naar het front hoeven, maar op afstand worden geplaatst, de emotie eruit, en slechts drones en andere wapens hoeven te besturen, wat gebeurt via een soort – geen grap – PlayStation-controller. 

Technologie en het leger – en dus oorlog – zijn altijd innig met elkaar verstrengeld geweest. De meeste consumententechnologieën begonnen ooit als oorlogstechnologie (Google Maps is misschien het bekendste voorbeeld). Tijdens de Vietnamoorlog waren veel computerwetenschappers verheugd dat er meer geld voor hun afdeling beschikbaar kwam.

Konden ze lekker verder bouwen aan hun computers die vervolgens zouden berekenen waar de napalmbommen het beste konden worden neergegooid. Ach, zeiden ze, als wij het niet doen, doen anderen het wel. 

Iedereen die meewerkt aan de ontwikkeling van AI, werkt direct of indirect mee aan de ontwikkeling van autonome wapens. 

Wie dat ontkent slaapt misschien beter, maar is allesbehalve gevrijwaard van medeplichtigheid.

Tom Grosfeld is journalist en alumnus van Tilburg University.

Bekijk meer recent nieuws

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte. Meld je aan voor de nieuwsbrief van Univers.