Een duurzame universiteit? Tilburg University haalt klimaatambities nog niet
Universiteiten hebben volgens het rapport Dertien tinten groen de kennis en invloed om koplopers in de klimaattransitie te zijn, maar benutten dit onvoldoende. Ook Tilburg University wordt opgeroepen tot actie vanwege vertraagde doelen, onvolledige uitstootdata en een niet concreet duurzaamheidsbeleid.

Kevin van Schie, universitair docent aan Tilburg School of Social and Behavioral Sciences en lid van de Green Young Academy (GrYA), werkte mee aan het vorige week dinsdag verschenen rapport Dertien tinten groen van De Jonge Akademie. Het rapport is zowel een analyse als een oproep tot actie.
‘Universiteiten zijn grote instellingen met een aanzienlijke ecologische voetafdruk en hebben een belangrijke voorbeeldfunctie. Niet alleen voor studenten, maar ook voor de bredere samenleving,’ aldus Van Schie.
Verschuiving van doelstellingen
Tilburg University wordt in het rapport specifiek genoemd vanwege het verschuiven van haar duurzaamheidsdoelen. Zo zou de universiteit in 2019 haar Green Office openen, maar dat gebeurde uiteindelijk pas in september 2025.
‘En waar de universiteit eerder had verklaard in 2025 volledig te willen stoppen met het gebruik van niet-duurzame (fossiele) energiebronnen, is dat streven inmiddels afgezwakt naar het mikken op een snelle afbouw van het gebruik van fossiele brandstoffen,’ aldus Van Schie.
Gebrek aan concreetheid
In het rapport worden drie soorten CO₂-uitstoot onderscheiden: directe uitstoot van eigen gebouwen en voertuigen, uitstoot door aangekochte energie van bijvoorbeeld energiecentrales, en alle overige indirecte uitstoot.
Die laatste categorie is het grootst en meest bepalend. Het gaat bijvoorbeeld om het woon-werkverkeer van studenten en docenten, vliegreizen, hotelovernachtingen en kantoorbenodigdheden. Toch wordt deze categorie vaak niet volledig meegerekend waardoor de werkelijke klimaatimpact van universiteiten onderschat kan worden.
Het lastige aan deze cijfers over uitstoot, vertelt Van Schie, is dat ze bovendien niet compleet zijn. Dat is nog een punt van kritiek: ‘Bij Tilburg University ontbreken expliciete gegevens over deze vormen van uitstoot, wat duidt op een gebrek aan concreetheid in het duurzaamheidsbeleid.’
Duurzame universiteit
Tilburg University streeft ernaar een duurzame universiteit te zijn en zet daarin al verschillende stappen, ziet Van Schie. ‘De universiteit vergoedt bijvoorbeeld alleen woon-werkverkeer wanneer medewerkers op een duurzame manier naar de campus reizen, per trein, fiets of te voet. Ook in gebouwen zien we vooruitgang; het Marga Klompé-gebouw is circulair gebouwd uit gerecyclede materialen.’
Duurzaamheid is een structureel onderdeel binnen de universiteit, reageert Janneke Iven, woordvoerder van Tilburg University. Zo heeft de universiteit een vaste Sustainability Manager en een actief Green Office Team dat studenten en medewerkers bij duurzaamheidsinitiatieven betrekt.
Op het gebied van rapportage belooft Tilburg University meer transparantie. ‘De CO₂-gegevens worden al langer intern bijgehouden, maar zullen binnenkort ook openbaar worden gemaakt,’ aldus Iven. Ook erkent de universiteit dat haar klimaatdoelen concreter kunnen en werkt daaraan via duurzaamheidsmonitoring onder de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD).
Sommige doelstellingen zijn inmiddels realistischer geformuleerd. Zo stelt de universiteit: ‘Volledige fossielvrijheid in 2025 is niet haalbaar, maar de ambitie blijft staan.’ Daarnaast werkt Tilburg University binnen het samenwerkingsverband Universiteiten van Nederland aan het verminderen van de CO₂-uitstoot in 2030 en 2050.
Niet alleen Tilburg University
Er is dus nog werk aan de winkel, en zeker niet alleen voor Tilburg University. Alle Nederlandse universiteiten worden opgeroepen zich hard te maken voor een groenere universiteit. ‘Duurzaamheid mag geen schoonheidswedstrijd zijn met alleen zichtbare symbolische acties, maar vraagt om structurele veranderingen in de hele organisatie,’ vertelt Van Schie.
Het rapport én Van Schie benoemen dan ook een aantal aanbevelingen. Zo moeten alle universiteiten transparant zijn, verantwoording afleggen en duurzaamheidscoördinatoren een vaste plek geven. Alleen met continuïteit en samenwerking tussen instellingen kunnen zij hun klimaatambities volgens de rapportschrijvers echt waarmaken.
