UvT-beleidsmedewerker Patricia van der Kammen vertrekt (voorlopig) bij de UvT. Ze krijgt namens de PVV een zetel in het Europees Parlement. Ze volgt Barry Madlener op, die naar de Tweede Kamer gaat. In Europa krijgt ze de onder andere de portefeuille transport en toerisme.

Wat trekt u in de politiek?
“De drang dat dingen anders moeten, ik wil daar een actieve rol in spelen. De wil om aan verandering mee te werken was er al na de fase Fortuyn. Het is concreet geworden toen Geert Wilders zich in 2004 afsplitste van de VVD. Hij dacht en denkt net zoals ik ook denk, daar wilde ik mijn steentje aan bijdragen.”

De PVV staat niet bekend als Europa-fan. Gaat u twee jaar lang nee-roepen?
“Absoluut niet. Europa is een heel mooi continent en met samenwerking is niets mis, maar we zijn te ver doorgeschoten. 70 procent van de Nederlandse regels komt uit Brussel. Dat moet veranderen. Laten we in Nederland alsjeblieft zelf de regels bepalen. En natuurlijk kun je op bepaalde gebieden samenwerken, bijvoorbeeld bij handel, consumentenzaken en veiligheid. De PVV is geen tegenstemmer uit principe, ik beoordeel per dossier of iets goed is voor Nederland. Ik hoop dat ik het kan verwezenlijken dat Europa iets van haar macht inlevert. Ik wil in ieder geval de Nederlandse burgers van het Europese probleem doordringen. We zitten op de verkeerde weg.”

Van der Kammen had eind vorig jaar al in het Europees Parlement kunnen komen omdat Nederland een extra parlementszetel kreeg toegewezen als gevolg van het Verdrag van Lissabon. Nederland (de PVV) kreeg daardoor recht op een extra zetel. Deze zetel werd echter onverwacht ingenomen door ex-PVV’er Daniël van der Stoep die eerder uit het EP was vertrokken en nu besloot terug te keren als onafhankelijk afgevaardigde. Hij was in de PVV-delegatie al vervangen door Auke Zijlstra, waardoor Van der Kammen met lege handen stond.

“Dat was een bittere teleurstelling. Het was een mooie verrassing dat ik nu alsnog een zetel krijg. In oktober start ik. Ik blijf in Tilburg wonen, maar zoek ook in Brussel woonruimte. Ik kan in ieder geval tot juni 2014 in Europa blijven werken, daarna zijn er nieuwe Europese verkiezingen. Ik maak gebruik van de regeling van politiek verlof die de UvT kent. Dat betekent dat ik later weer terug kan keren bij de universiteit, mogelijk wel in een andere functie.”

U bent momenteel ook PVV-Statenlid. Dat blijft u doen?
“Ja, al zet ik het werk daar wel op een lager pitje. Ik ben er nu 24 uur per week mee bezig. Als Statenlid bij de Provinciale Staten sta je veel dichter bij de werkelijkheid. Er wordt echt gedebatteerd. De vergaderingen van het Europese Parlement zijn een poppenkast. Iedereen krijgt een minuut spreektijd, daarna wordt een besluit genomen. Nee, ik heb niet de illusie dat ik die werkmethode kan veranderen. Het is verbazingwekkend wat er in het Europees Parlement gebeurt.”

Bij de verkiezingen voor de Tweede Kamer stond u bewust op een onverkiesbare plek. Waarom?
“Dat heeft met mijn gezondheid te maken. Het werk als Tweede Kamerlid is heel hectisch, je leeft bij de waan van de dag en staat continu onder druk. Er zijn spoeddebatten die tot drie uur ’s nachts kunnen duren. Ik heb er geen problemen mee om hard te werken, ik maak nu ook werkweken van zestig uur, maar dan kan ik het werk wel grotendeels zelf inplannen. Overigens heb ik wel ruim zeshonderd voorkeurstemmen gehad, voornamelijk uit Brabant.”

Geplaatst door: Redactie
Gepubliceerd op: 25-09-2012
Bijgewerkt op: 25-09-2012