Nog altijd weinig zicht op bijbanen hoogleraren

De verplichte registratie van nevenfuncties en belangen van hoogleraren is incompleet en chaotisch, meldt tv-programma Nieuwsuur. Aan Tilburg University is de administratie beter op orde dan bij de grote universiteiten. Minister Dijkgraaf noemt het nieuws “verontrustend”.

Beeld: Hans van den Tillaart

Na twee jaar vragen en zelfs procederen kreeg de redactie van Nieuwsuur inzage in de bijbanenregisters van 14 universiteiten en 7 universitaire medische centra. Daarin bleken slechts 4.200 hoogleraren opgenomen, terwijl Nederland bijna 7.000 hoogleraren zou tellen.

Verouderd

Hebben de ontbrekende hoogleraren soms geen bijbanen? Een deel van hen wel, blijkt uit een steekproef. En gegevens die wél in de registers staan, blijken vaak verouderd, incompleet of foutief. De registratie van bijbanen en belangen is verplicht om te voorkomen dat de wetenschappelijke integriteit in het geding komt.

Kleinere instellingen als de Open Universiteit, Universiteit Twente en Tilburg University registreren de nevenactiviteiten van hun hoogleraren beter dan de grote. Bij de Rijksuniversiteit Groningen bevat meer dan de helft van het bijbanenregister fouten en onvolledigheden. Een register van de hoogleraren in het Groningse academische ziekenhuis ontbreekt zelfs volledig.

Ook de Universiteit Utrecht heeft geen register. De universiteit kan alleen informatie aanleveren over de bijbanen die de hoogleraren zelf op hun publieke pagina vermelden.

Geschrokken

Universiteitsvereniging UNL, die Nieuwsuurhielp bij het verzamelen van registers, reageert geschrokken. “Dit kan niet. Hier moeten we wat aan doen”, zegt voorzitter Pieter Duisenberg. “Transparantie is de hoeksteen. Dus als je je expertise inzet, moet iedereen af kunnen wegen of je afhankelijk bent.”

Op de website van de vereniging staat nu nog dat de universiteiten op dit terrein flinke vooruitgang hebben geboekt. Begin 2021 zouden de nevenwerkzaamheden van 95 procent van alle hoogleraren online staan, tegen 87 procent in 2017.

D66-onderwijsminister Robbert Dijkgraaf noemt de uitkomst van het onderzoek verontrustend. “De wetenschap kan zich niet verbinden met de maatschappij als ze niet tegelijk 100 procent transparant is. Ik ga met de universiteiten in gesprek, want ik hoor graag wat er gedaan gaat worden.”

Oud-ministers

Zelfs universiteitsbestuurders en voormalige ministers als Jet Bussemaker en Jan Peter Balkenende hebben hun gegevens niet op orde. Datzelfde geldt voor oud-minister Ronald Plasterk.

Dat laatste is opvallend: onder zijn bewind is juist bepaald dat de nevenfuncties van hoogleraren openbaar moeten zijn. Dat was in 2008. Destijds was de universiteitenvereniging ertegen, terwijl de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen juist vóór was.

Sindsdien komt met enige regelmaat in het nieuws dat de nevenfuncties van hoogleraren niet goed geregistreerd staan, met alle verontwaardiging van dien. Ook waren er de laatste jaren diverse signalen dat nevenfuncties van hoogleraren tot integriteitsschendingen leiden. Zo schreven de Volkskrant en Folia recentelijk artikelen over de dubbele petten van hoogleraren belastingrecht en fiscale economie.

Advertentie

Bekijk meer recent nieuws

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte. Meld je aan voor de nieuwsbrief van Univers.