‘Keileuk’: Kristel Doreleijers wint Taalboekenprijs met boek over Brabants dialect
Overdreven plat praten om erbij te horen. Dat opmerkelijke taalgebruik van Brabantse jongeren analyseerde taalwetenschapper Kristel Doreleijers in haar Tilburgse promotieonderzoek. De publieksversie Superbrabants van haar proefschrift is nu bekroond met de Taalboekenprijs 2026.

Kristel Doreleijers promoveerde in 2024 op het dialectgebruik van Brabantse jongeren. Zij vond dat jongeren die van huis uit geen dialect spreken, toch Brabants gebruiken om onder elkaar een informele sfeer te creëren of gezelligheid uit te drukken.
Daarbij zondigen ze tegen bepaalde taalregels en overdrijven ze zelfs om ‘Brabants te willen klinken.’ Hyperdialect noemt Doreleijers dat in haar dissertatie Styling the Local: Hyperdialectisms and the Enregisterment of the Gender Suffix in the ‘New’ Dialect of North Brabant. Toch wijst ze deze nieuwe vormen van dialectgebruik niet af; het geeft volgens haar aan dat taal en dialect nog steeds springlevend zijn.
Met haar publieksversie van het proefschrift Superbrabants: Over jongerentaal, New Kids en je thuis voelen in je dialect won Doreleijers afgelopen zaterdag 10 oktober de Taalboekenprijs 2026, een jaarlijkse onderscheiding van het Genootschap Onze Taal voor het beste publieksboek over taal. De prijs werd uitgereikt in het radioprogramma De Taalstaat op NPO Radio 1.
‘Keileuk om te lezen’, oordeelt de jury van de Taalboekenprijs over het boek waarin volgens haar onderzoek naar jongerentaal ‘gedegen en fris’ wordt gepresenteerd. Ook laat het boek zien dat taal ‘springlevend en eindeloos boeiend is.’
Doreleijers werkt inmiddels aan het Meertens Instituut als postdoctoraal onderzoeker naar jongerentaal en taalvariatie op sociale media. Ze vindt de prijs een mooie erkenning voor haar werk om taalonderzoek toegankelijk te maken voor een breed publiek.

